Alle berichten van Arthur Eaton

Leven met Hitler

Ian Kershaw geldt voor velen als de hoogste autoriteit op het gebied van het nationaalsocialisme, het Derde Rijk en het leven van Adolf Hitler. Kershaws tweedelige Hitlerbiografie werd niet alleen door vakgenoten geprezen voor haar eruditie en gedegen onderzoek, maar wist ook een veel groter publiek te bereiken. Al decennia is Kershaw een historicus die binnen én buiten de kaders van het wetenschappelijk debat veel lof oogst. Rob Hartmans gaat in op Kershaws loopbaan en zijn positie binnen de historiografie van het Derde Rijk. Door Rob Hartmans.

Nadat in 1998 het eerste deel van zijn volumineuze Hitlerbiografie was verschenen, kreeg Ian Kershaw van journalisten die zijn boek niet of nauwelijks gelezen hadden, dikwijls de vraag of het niet heel deprimerend was om zich jarenlang met zo’n abject figuur bezig te houden. Met typisch Britse beleefdheid ontkende hij dit en benadrukte hij dat je zelfs Hitler en diens regime op een zo nuchter mogelijke wijze kon en moest bestuderen. Tegenwoordig voegt hij hier nog wel eens aan toe dat het enige wat hem soms nachtmerries bezorgt, een nederlaag van Manchester United is.

Uiteraard betekent dit niet dat Kershaw een gevoelloos type is, want toen ik hem in het najaar van 1998 in Manchester opzocht om hem voor De Groene Amsterdammer te interviewen, vertelde hij dat hij kort daarvoor een schokkende ervaring had gehad. Op de Frankfurter Buchmesse was heel veel aandacht geweest voor zijn boek, en zijn uitgever had in de enorme hal metershoge banieren laten ophangen met dezelfde vormgeving als het boek. Dat betekende dat links in forse blokletters de naam ‘Hitler’ stond, en dat rechts een portret was afgebeeld. Omdat het publiekelijk afbeelden van Hitlers portret strafbaar is, aangezien het volgens paragraaf 86a van het Strafgesetzbuch geldt als een ‘Kennzeichen verfassungswidriger Organisationen’, was de overbekende tronie met spuuglok en Charlie Chaplinsnor vervangen door de vriendelijke gelaatstrekken van Kershaw. Voor de bescheiden historicus was het sowieso een enorme schok om zijn eigen gezicht zo uitvergroot te zien, en dan ook nog in combinatie met die omineuze naam. Hoewel niemand hem met Hitler zou verwarren, voelde die welhaast fysieke nabijheid buitengewoon onaangenaam.


Essay uit dBNg 2017#3

  

  

 


* Abonnees lezen meer. Neem ook een abonnement! *

Lees verder Leven met Hitler

ABG 42

ABG42 (december 2003)


De keuze van Douwe Draaisma
Eva van den Broek en Pieter van Os

Peter Olsthoorn
Geschiedenis onderwijst niet
Quentin Skinner tegen de actualisering van het verleden

Herman Philipse
De Augiasstal van de neurowetenschappen

Ieme van der Poel
Leven met de Berbers
Germaine Tillion was onze tijd ver vooruit

Thijs Pollmann
Een architectuur van de betekenis
Taalkunde na Chomsky

Toon Van Houdt
Klassieke boosheid

Pieter J. van Strien
Op de schouders van Otto Selz
De ondankbare leerling Karl Popper

Menno Wigman
Inkt van niks
Gedicht

Thijs Jansen
De anti-Amerikaanse uitdaging

Rienk Vermij en José van Dijck
Dactylografie is achterhaalde wetenschap
Reacties: Rienk Vermij versus José van Dijck

ABG 41

ABG41 (oktober 2003)


Robbert Dijkgraaf
Een diepfluweelpaarse echtgenote
Over synesthesie en de oorsprong van kleur

Jo Tollebeek
Voor altijd communist

Thijs Pollmann
Bèta’s en alfa’s samen op weg

André Klukhuhn
Van crisis naar crisis
Denken over kunst

Piet de Rooy
De ongelukkige klas
Een pleidooi tegen reductionistisch onderwijsonderzoek

Arjen Duinker
SOWIESO
Gedicht

Antoine Mooij
Op de divan tegen de tijd

Tycho Vuurmans
De zieke verbeelding