Tagarchief: david rijser

‘We’ll always have Paris’

In december vorig jaar verscheen La La Land in de Nederlandse bioscopen. Anders dan de gender- en rassenpolemiek rond deze lm doet vermoeden, is het decor ervan – de Amerikaanse ‘megalopolis’ Los Angeles – de eigenlijke sleutel tot zijn boodschap. Het ogenschijnlijk vrolijke drama, waarin de American Dream en de Pursuit of Happiness worden beproefd door de grillen van het moderne leven, is boven alles een stadsverhaal dat aantoont hoe waardevol populaire kunst kan zijn voor het doorzien van onze maatschappelijke structuren en conventies. Door David Rijser.

Het eerste shot van La La Land toont het diffuse licht van een stralende Californische zomerhemel, en pant dan van de zinderende zon naar de snelweg daaronder, LA’s variant op wat in een Europese stad een straat met trottoir is. Op de ‘big freeway’ (Burt Bacharach) die de stad is, een onafzienbaar file-lint, de horizontale pendant van de verticale lijnen van de wolkenkrabbers op de achtergrond. We horen een kakofonie van claxons en elkaar overschreeuwende autoradio’s, die regisseur Chazelle binnen enkele ogenblikken triomfantelijk transformeert in een musicalnummer (Another Day of Sun) dat de bestuurders in staat stelt zich even letterlijk en figuurlijk te bevrijden uit het isolement van hun cabines. Zo lijkt het zowaar dat zelfs de bewoners van een moderne reuzenstad een collectief kunnen vormen: in perfecte harmonie zingen, dansen en springen ze. Het is ook een springplank voor de plot, die twee bestuurders van opeenvolgende auto’s – de actrice Mia en de jazzpianist Sebastian – bij elkaar zal brengen en weer uiteen zal drijven. En uit dat laatste blijkt dan weer dat de suggestie van een collectief, van ‘samen spelen’, misleidend is als het om de praktijk van het moderne bestaan gaat, in een relatie net zo goed als in de samenleving als geheel.


Essay uit dBNg 2017#3

 


* Abonnees lezen meer. Neem ook een abonnement! *
Lees verder ‘We’ll always have Paris’

Over vriendschap en vergiffenis

Door David Rijser, docent klassieken aan de Universiteit van Amsterdam en criticus voor NRC Handelsblad. Onlangs verscheen van zijn hand Een telkens nieuwe oudheid.


Op 23 april jongstleden was het vierhonderd jaar geleden dat zowel Shakespeare als Cervantes stierf. Wat verbindt en onderscheidt deze grootheden van de Europese literatuur, beiden wegbereiders van de literaire moderniteit? Hoe komt het dat de reputatie van de een groeit en die van de ander stagneert? En, is dat eigenlijk terecht?

Essay uit DBNg 2016#3

Shakespeares tragedies eindigen steevast met de dood. De voorlaatste, Antony and Cleopatra, tien jaar voor de dood van de bard zelf geschreven in 1606, voorziet mede daarom als slotakkoord in de zelfmoord van de Egyptische koningin uit de titel. Cleopatra was non humilis mulier zoals Horatius het noemde, ‘niet van de straat’, en paste ervoor om in de triomftocht van de latere keizer Augustus te figureren toen ze verslagen was en de man van haar leven, Antonius, eveneens door zelfmoord verloren had.

Cleopatra is in haar laatste minuten van een zelfs naar Shakespeares maatstaven ongewone, maar tegelijkertijd paradoxale grandeur: ironisch en oprecht, berustend en strijdbaar, zelfbewust en nederig tegelijk. Met de slang die haar moet doden aan haar arm, bidt ze haar hofdame Charmian tot stilte: ‘Peace, peace! Dost thou not see my baby at my breast,/ that sucks the nurse asleep? […] As sweet as balm, as soft as air, as gentle/ – O Antony!’ De soldaat die Cleopatra in leven had moeten houden, komt vervolgens te laat om haar te ‘redden’; en Charmian, ook vergiftigd, kan nog net zeggen: ‘It is well done, and fitting for a princess,/ descended of so many royal kings/ Ah, soldier…’

Charmians laatste woorden zijn net zo enigmatisch als het karakter van haar bazin Cleopatra. T.S. Eliot zag in het ‘Ah, soldier’ voor het eerst dat juist die ongrijpbaarheid de sleutel tot Shakespeares genie was: het kan alles betekenen (‘als je eens wist’ maar net zo goed ‘wat een ongelukkig moment om elkaar te ontmoeten, leuke man!’). ). Juist Shakespeares ‘meerduidigheid’, zijn vermogen niet veel maar juist weinig in zijn werk te expliciteren en het daardoor zo veelzeggend te laten lijken – een kwaliteit die Keats ooit negative capability noemde – maakt de stukken zo fascinerend. Dat deze zo diep tragische en diep ontroerende scène op een gekke manier tegelijkertijd geestig is, illustreert dat eens te meer.

Modernisme en tragikomedie

cervantes

Iets vergelijkbaars, maar omgekeerd, geldt voor het slot van de Don Quijote van Cervantes: de dood van de Don, die zijn verstand terug heeft en daarom niet meer kan en wil leven, is juist omdat de scène zo komisch is hartverscheurend treurig. Men smeekt hem in zijn eigen fictie te blijven geloven, maar vergeefs. Iedereen aan het sterfbed is vastberaden in liefde voor en trouw aan de gek; niemand wil hem verstandig zien, al helemaal niet als dat zijn dood betekent. De bizarre scène, waarin alle boeren- en echte slimmen een halve gare smeken om niet alleen te blijven leven, maar vooral halfgaar te blijven, is niet alleen ontroerend; die ontroering zegt zo enorm, eigenlijk onzegbaar veel: over de ernst van de dood, de aard van het leven, de rol van plezier, en de waarde en beperking van oprechte affectie.

Cervantes en Shakespeare hebben wel meer gemeen dan hun ragfijne vermenging van het tragische en het komische. Op 23 april jongstleden was het bijvoorbeeld vierhonderd jaar geleden dat zij op twee heel verschillende plekken tegelijkertijd de laatste adem uitbliezen, in Madrid en in Stratford-upon-Avon. Toegegeven: hun fatale en laatste dag was wel de 23ste april, maar toch niet dezelfde dag, omdat de Spanjaarden de Gregoriaanse en de Engelsen de Juliaanse kalender gebruikten, en de laatsten het verschil daartussen pas in 1752 door middel van een correctie van twaalf dagen bijstelden. Maar toch schuilt er in de coïncidentie een vorm van culturele rechtvaardigheid, die blijkt uit een aantal frappante overeenkomsten tussen beide auteurs. Tegelijkertijd laat de vergelijking tussen beiden ook grote verschillen zien, die ons iets zeggen over het culturele leven van vandaag.

* Abonnees lezen verder. Neem ook een abonnement! *

Bent u al abonnee, maar ziet u hieronder niet waarvoor u kwam? Logt u dan eerst even in via 'Online toegang' in het menu hierboven?