Tagarchief: geschiedenis

Op zoek naar een nieuw nationaal verhaal

Recentelijk verscheen in Frankrijk het boek Histoire mondiale de la France, een overzichtswerk onder leiding van mediëvist Patrick Boucheron. Een pavé, dus letterlijk een kassei, maar ook figuurlijk, want niets minder dan een steen in de vijver. Dit boek heeft namelijk alles te maken met de hedendaagse Franse worsteling met nationale identiteit.  Door Niek Pas.

In de diverse debatten in aanloop naar en tijdens de Franse presidentsverkiezingen, najaar 2016 – voorjaar 2017, was dit een van de brandende kwesties. Op de achtergrond sluimeren spanningen tussen het klassieke republikeinse en etatistische ideaal van die ‘Ene en Ondeelbare’ Republiek versus de praktijk van een maatschappij die – net zoals in vele andere landen – volop verkleurt en diversifieert. Staat en samenleving zoeken naar manieren zich te verhouden tot zowel ‘mondialisme’ als ‘multiculturalisme’. Het angstbeeld is een (verder) verdeeld Frankrijk, ten prooi aan communautarisme, waarbij diverse bevolkingsgroepen niet met elkaar, maar naast elkaar leven.

In de discussies tussen de diverse présidentiables ging het onder meer over het Verhaal dat van Frankrijk, van de Franse geschiedenis, onderwezen dient te worden op school. In hoeverre is dit nog een klassieke roman national dat ooit begon met ‘Nos ancêtres les Gaulois’, dus ‘Onze voorouders, de Galliërs’? Dat uit marmer gehouwen beeld van de Franse geschiedenis, dateert uit de negentiende eeuw. Tijdens de Derde Republiek kwam natievorming pas echt op gang door onder meer de uitleg van spoorlijnen en de instelling van leer- en dienstplicht. In het laatste kwart van die eeuw veranderden de boeren in Fransen, zoals de beroemde these van Eugen Weber (Peasants into Frenchmen, 1976) luidt. Dat aloude natiestaatverhaal is zowel lineair, heroïsch als verbindend, aan de hand van roemrijke veldslagen en grote mannen (en een enkele vrouw, zoals Jeanne d’Arc). En dit récit mondt vanzelfsprekend uit in de Republiek en de waarden waarvoor deze sinds 1789 staat: vrijheid, gelijkheid en broederschap. Een klassieke geschiedenis- en identiteitsopvatting, die vandaag de dag belegen overkomt en, vanuit links perspectief, als conservatief en zelfs reactionair wordt beschouwd.


Essay uit dBNg 2017#3

  

  


* Abonnees lezen meer. Neem ook een abonnement! *

Lees verder Op zoek naar een nieuw nationaal verhaal

Leven met Hitler

Ian Kershaw geldt voor velen als de hoogste autoriteit op het gebied van het nationaalsocialisme, het Derde Rijk en het leven van Adolf Hitler. Kershaws tweedelige Hitlerbiografie werd niet alleen door vakgenoten geprezen voor haar eruditie en gedegen onderzoek, maar wist ook een veel groter publiek te bereiken. Al decennia is Kershaw een historicus die binnen én buiten de kaders van het wetenschappelijk debat veel lof oogst. Rob Hartmans gaat in op Kershaws loopbaan en zijn positie binnen de historiografie van het Derde Rijk. Door Rob Hartmans.

Nadat in 1998 het eerste deel van zijn volumineuze Hitlerbiografie was verschenen, kreeg Ian Kershaw van journalisten die zijn boek niet of nauwelijks gelezen hadden, dikwijls de vraag of het niet heel deprimerend was om zich jarenlang met zo’n abject figuur bezig te houden. Met typisch Britse beleefdheid ontkende hij dit en benadrukte hij dat je zelfs Hitler en diens regime op een zo nuchter mogelijke wijze kon en moest bestuderen. Tegenwoordig voegt hij hier nog wel eens aan toe dat het enige wat hem soms nachtmerries bezorgt, een nederlaag van Manchester United is.

Uiteraard betekent dit niet dat Kershaw een gevoelloos type is, want toen ik hem in het najaar van 1998 in Manchester opzocht om hem voor De Groene Amsterdammer te interviewen, vertelde hij dat hij kort daarvoor een schokkende ervaring had gehad. Op de Frankfurter Buchmesse was heel veel aandacht geweest voor zijn boek, en zijn uitgever had in de enorme hal metershoge banieren laten ophangen met dezelfde vormgeving als het boek. Dat betekende dat links in forse blokletters de naam ‘Hitler’ stond, en dat rechts een portret was afgebeeld. Omdat het publiekelijk afbeelden van Hitlers portret strafbaar is, aangezien het volgens paragraaf 86a van het Strafgesetzbuch geldt als een ‘Kennzeichen verfassungswidriger Organisationen’, was de overbekende tronie met spuuglok en Charlie Chaplinsnor vervangen door de vriendelijke gelaatstrekken van Kershaw. Voor de bescheiden historicus was het sowieso een enorme schok om zijn eigen gezicht zo uitvergroot te zien, en dan ook nog in combinatie met die omineuze naam. Hoewel niemand hem met Hitler zou verwarren, voelde die welhaast fysieke nabijheid buitengewoon onaangenaam.


Essay uit dBNg 2017#3

  

  

 


* Abonnees lezen meer. Neem ook een abonnement! *

Lees verder Leven met Hitler

Jonathan Israel, of: het slagveld van de ideeëngeschiedenis

In de ogen van buitenstaanders is ideeëngeschiedenis ongetwijfeld een saai en stoffig vak, uitgeoefend door bedaagde lieden die geen vlieg kwaad doen. Toch kunnen de emoties hier hoog oplaaien, en heeft dit vakgebied soms de trekken van een slagveld. Veldheer Jonathan Israel en zijn criticasters kunnen erover meepraten. Door Rob Hartmans.

Een paar jaar geleden kwam de Amerikaanse historicus David A. Bell met een opvallende metafoor, toen hij probeerde duidelijk te maken hoe de visie op de Verlichting de afgelopen decennia was veranderd. Lange tijd was die namelijk gezien als een duidelijk omlijnde beweging met een specifiek ‘programma’, of om met Peter Gay te spreken ‘a single army with a single banner’. [1] Vooral onder invloed van de zogenoemde ‘Cambridge School’ van historici als Quentin Skinner en John Pocock, is dat veranderd. Er kwam veel meer aandacht voor de verschillen tussen allerlei denkers en schrijvers, er werd nauwkeurig gekeken naar de context waarbinnen ideeën waren geventileerd, waardoor ook meer nadruk werd gelegd op de verschillende vormen die de Verlichting in diverse landen aannam. Er werd onderzocht hoe denkbeelden werden verspreid, en welke betekenis bepaalde begrippen in die tijd hadden – een betekenis die niet zelden afwijkt van wat wij er tegenwoordig onder verstaan.


Essay uit dBNg 2016#4

Radical Enlightenment Enlightenment Contested Democratic Enlightenment Revolutionary Ideas


Bell schrijft dat ideeënhistorici zich veel meer bewust werden van de ‘landmijnen’ die op hun terrein verborgen liggen, en die ervoor kunnen zorgen dat een helder beeld of een overtuigend klinkende generalisatie in duizend stukken uiteenspat. Veel historici zijn echter zo bevangen door deze vrees, dat ze nauwelijks nog ‘vooruit’ komen en niet meer in staat zijn een duidelijk beeld van het verleden te schilderen. Anderen lijken daarentegen meer op maarschalk Zjoekov, tijdens de Tweede Wereldoorlog de bevelhebber van het Rode Leger, die zijn opmars niet liet vertragen door de mijnenvelden die de Duitsers hadden aangelegd en zijn infanterie daar dwars doorheen liet marcheren. Dit ging ten koste van enorm veel slachtoffers, maar hij bereikte uiteindelijk wel Berlijn. Deze historici laten zich niet afleiden door Skinneriaanse subtiliteiten, maar rukken onverdroten op naar hun einddoel en hebben geen boodschap aan de nuances en gerechtvaardigde vraagtekens die onderweg sneuvelen. Volgens Bell is met name Jonathan Israel zo’n ‘Zjoekov’. [2]

* Abonnees lezen meer. Neem ook een abonnement! *
Lees verder Jonathan Israel, of: het slagveld van de ideeëngeschiedenis

Herlezen: Huizinga’s zelfportret

Door Willem Otterspeer, hoogleraar (universiteits)geschiedenis aan de Universiteit Leiden, essayist, biograaf van W.F. Hermans, Johan Huizinga e.a. en redactieraadslid van DNBg.


Essay uit DBNg 2016#3

‘Een neiging tot het autobiografische is mij tot nu toe vreemd geweest.’ Zo begint Huizinga Mijn weg tot de historie, de korte autobiografie die hij aan het eind van zijn leven schreef. Huizinga had het niet graag over zichzelf. Het liefst verdween hij tussen de pagina’s die hij schreef. ‘’t Is beter dat de lezer ziet het breinwerk wel, maar ’t smoelwerk niet,’ moet hij ooit gezegd hebben. Mijn weg tot de historie gaat vooral over dat breinwerk.

Maar Huizinga was tegelijk een echte schrijver, iemand die het niet kon laten zijn gedistantieerde verslag te kleuren met details en beelden van grote trefzekerheid en emotie. Bovendien had hij het wel degelijk over iets heel persoonlijks, over het ontstaan van een belangstelling. ‘Belangstelling is een heel merkwaardig en kostbaar woord.’ Een onvertaalbaar woord, een begrip dat vrijheid en noodzaak inhield, zwerven en thuiskomen.

Huizinga werd in 1872 in Groningen geboren, maar over zijn afkomst en over het gezin waarin hij opgroeide vernemen we bijna niets. Niets over zijn grootvader, een doopsgezinde dominee, die hem de ethiek van het zelfonderzoek ingaf. Vrijwel niets over zijn vader, hoogleraar in de fysiologie, die hem de fascinatie van het wetenschappelijke onderzoek bijbracht. Niets ook over de vroege dood van zijn moeder (Huizinga was nog geen twee jaar oud) of de zelfmoord van zijn halfbroer (in 1903). Ook de andere grote doden in zijn leven, zijn eerste vrouw, zijn oudste zoon, blijven in de schaduw.

* Abonnees lezen verder. Neem ook een abonnement! *

Bent u al abonnee, maar ziet u hieronder niet waarvoor u kwam? Logt u dan eerst even in via 'Online toegang' in het menu hierboven?

Wesselings wetenschapsfraude

Rob Hartmans herlas ‘het oeuvre van H.L. Wesseling’ voor DNBg 2016#2 en concludeert dat ‘het gehele rijke oeuvre van Wesseling op de een of andere manier uit Soldaat en krijger lijkt voort te komen’. Maar eerst een anekdote over ’s mans esprit...

DNBg 2016-2_Pagina_14[…]

‘In het voorjaar van 2012 leek de Nederlandse wetenschap even op haar grondvesten te schudden. Men was nog nauwelijks bekomen van affaire rond Diederik Stapel, de Tilburgse hoogleraar sociale psychologie die in minimaal 55 publicaties gebruik had gemaakt van gefingeerde data, of H.L. Wesseling bekende in Hollands Maandblad dat ook hij zich schuldig had gemaakt aan wetenschapsfraude. En hier ging het niet om een jonge professor aan een perifere universiteit die een vak doceerde dat door sommige mensen niet helemaal serieus wordt genomen, maar om een emeritus hoogleraar Algemene Geschiedenis aan de oudste universiteit van ons land, die bovendien rector was geweest van het prestigieuze Netherlands Institute for Advanced Study (NIAS) in Wassenaar en ook nog eens was opgetreden als scriptiebegeleider van kroonprins Willem-Alexander. Op het eerste gezicht leek de affaire-Wesseling dus heel wat ernstiger.

DNBg 2016-2_Pagina_15In het artikel ‘Wetenschapsfraude: een bekentenis’ beschreef Wesseling hoe hij eind jaren zestig voor zijn proefschrift – Soldaat en krijger. Franse opvattingen over leger en oorlog, 1905-1914 – boeken en pamfletten moest bestuderen in de Bibliothèque Nationale in Parijs. In het in 2008 verschenen Zoon en vader – Vader en zoon (waarin hij de biografie van zijn vader combineerde met zijn eigen memoires) had hij al verteld dat deze onderzoeksperiode niet erg plezierig was geweest, omdat hij in primitief hotel had gelogeerd, niemand in Parijs kende en de catalogi ondoorgrondelijk en de bibliotheekfunctionarissen onbeschoft waren geweest. ‘Ik heb het bezoek zo kort mogelijk gehouden en besloten een aantal dingen maar te laten zitten. Van een sterke hang naar volledigheid heb ik trouwens nooit last gehad.’

In de oren van serieuze wetenschappers klonk dit al tamelijk dubieus, maar vier jaar later bekende hij bovendien: ‘Omdat ik mij zelden goed voorbereidde werden veel aantekeningen niet, zoals het hoort, gemaakt op keurige fiches maar op afgescheurde stukjes papier en op de achterkant van restaurantrekeningen (zeer bescheiden rekeningen overigens). Dan raak je wel eens iets kwijt.’

Toen zijn dissertatie af was, ontdekte hij dat hij van één citaat wel de bron had genoteerd, maar niet het paginanummer. Dit betekende dat hij terug moest naar Parijs, maar daar voelde hij niet zo veel voor. ‘Na lange aarzeling en veel gewetenswroeging besloot ik een van mijn data, zoals men tegenwoordig zegt, te verzinnen en een willekeurig paginanummer in te vullen. Een van de 1027 voetnoten die mijn boek telt is dus frauduleus.’

Krijg als abonnee toegang tot de digitale editie en lees verder …