Voorbij fort Europa

De vluchtelingencrisis is niet voorbij, maar min of meer uit het zicht verdreven. Met hulp van autocratische landen worden vluchtelingen op afstand gehouden. Maar de Europese Unie betaalt een hoge prijs voor deze manier van optreden, stellen Henk van Houtum en Leo Lucassen.

In het felle en nog niet uitgewoede debat over de begrenzing van de EU hebben grensonderzoeker Van Houtum en migratiehistoricus Lucassen zich afzonderlijk en soms samen flink geroerd, met ingezonden stukken, optredens voor radio en tv en tientallen lezingen. Ze gingen de strijd aan met wat ze beschouwen als misvattingen, misleiding en onterechte angstbeelden en stelden een opener houding tegenover migranten voor. In oktober verschijnt hun boek Voorbij Fort Europa, waarin ze de crisis in haar historische context plaatsen, de ontwikkelingen van de afgelopen tijd analyseren en een alternatieve visie presenteren. Door Addie Schulte.

Ieder van de twee heeft een eigen benadering van het onderwerp. Henk van Houtum, hoofd van het Centre for Border Research van de Radboud Universiteit in Nijmegen en hoogleraar Interdisciplinary Border Studies aan de University of Eastern Finland, stelt vooral fundamentele vragen over de rechtvaardigheid of onrechtvaardigheid van grenzen en ziet de omgang met migranten duidelijk ook als een mondiale en morele kwestie. En hij benadrukt in zijn boek Grensland (2013) dat grenzen politieke constructen zijn. Leo Lucassen, directeur onderzoek van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam en hoogleraar Global Labour and Migration History aan de Universiteit Leiden, is naar eigen zeggen ‘meer technocratisch’ ingesteld. Hij hanteert vooral de geschiedkundige aanpak, zoals eerder met zijn broer Jan in het boek Winnaars en verliezers (2011) over migratie in Nederland.


Interview uit dBNg 2016#4 


* Abonnees lezen meer. Neem ook een abonnement! *

[Addie Schulte] De titel van jullie boek, Voorbij Fort Europa, gaat er vanuit dat Fort Europa bestaat, terwijl veel politici en opiniemakers hebben beweerd dat de EU juist veel te weinig doet aan het bewaken van zijn buitengrenzen.

[Henk van Houtum] De grens is juist heel streng bewaakt. Er zijn irreguliere stromen omdat mensen niet op reguliere wijze binnen kunnen komen. De grenzen worden bewaakt, daarom zijn er doden. De Middellandse Zee is de dodelijkste grens ter wereld waar drie tot vierduizend mensen per jaar verdrinken. De facto is er een Fort Europa, al kan je over de term debatteren.

[AS] Maar op bootjes kwamen vorig jaar meer dan een miljoen mensen naar Europa. Het fort is lek?

[Leo Lucassen] In zekere zin was het een lek fort, omdat er onvoldoende solidariteit was met de staten aan de buitengrenzen en zij mensen daarom doorlieten. Daardoor liepen mensen in een lange stoet door Europa dwars door binnengrenzen heen. Je kan zeggen dat het fort een misleidende beeldspraak is, omdat je daarbij denkt aan een enorm hek, met schijnwerpers en geweren. Zo is het maar op een paar plaatsen aan de Europese grens, bijvoorbeeld rond de Spaanse enclaves in Marokko. Maar de EU heeft wel degelijk nagedacht over het reguleren van migratie en het op die manier moeilijk maken voor ongewenste migranten om hier te komen. Het visumsysteem van de landen van het Schengenverdrag maakt het deze mensen onmogelijk op een normale wijze naar de EU te komen. Dat visumbeleid is de belangrijkste begrenzing en geeft een duidelijke boodschap: we willen u niet en als u probeert hier te komen, bent u irregulier en doet u dat op eigen kosten en risico. Dat noemen we in ons boek een papieren fort, dat heel effectief is. Europa is niet hermetisch afgesloten, dat kan ook niet, maar het idee dat de EU is vergeten de buitengrens te bewaken, is misleidend.

[AS] Een jaar geleden kwamen duizenden Syriërs per maand op de Griekse eilanden aan. Europa was in de ban van een vluchtelingencrisis. Is die nu voorbij? En is dat een succes te noemen?

[HvH] De crisis is gemaskeerd, is uit het zichtveld verplaatst naar Turkije en andere landen waar getracht wordt migranten tegen te houden. Daarom zijn vluchtelingen niet meer zo veel in het nieuws. Maar er zitten nog steeds tienduizenden mensen vast in Griekenland en miljoenen in Turkije. De Europese Unie heeft haar onvermogen laten zien, er is afnemende solidariteit en toenemend wantrouwen tussen de lidstaten. Het idee dat de grenzen alleen maar bewaakt kunnen worden door autocratische staten buiten de EU, is onzin. Sommige mensen noemen het tegenhouden van vluchtelingen een succes, maar wat voor succes is dit als mensenrechten en het Vluchtelingenverdrag met voeten worden getreden? Wat zegt dat over de waarden die de EU zelf hanteert en voorhoudt aan andere landen? In de vluchtelingencrisis faalt de EU op haar eigen test.

[AS] Migratie wordt volgens jullie gereguleerd door discriminatie op geboortegrond. Wat houdt dat in?

[HvH] Het papieren fort, het visumbeleid, is de kern van de vluchtelingencrisis. Inwoners van meer dan honderd vooral islamitische en armere landen hebben moeilijk toegang tot de EU. Ze worden geweerd op basis van hun geboortegrond. Wie in Syrië geboren is en moet vluchten, kan niet in een vliegtuig stappen om naar de EU te gaan, maar moet een beroep doen op smokkelaars. Een Syriër die naar de EU wil, krijgt geen vleugels, maar zwemvleugels. Nederlanders kunnen zonder visum naar 174 landen reizen, een Afghaan naar 25. Wie in een land als Syrië, Afghanistan of Somalië geboren wordt, wordt geboren in een andere klasse. Dat zijn bijna Middeleeuwse toestanden.

[AS] Valt daar aan te ontkomen in deze wereld, die is ingedeeld in staten? Die staten willen bepalen wie er in het land mag komen. Als je dat afschaft, schaf je dat land af.

[HvH] We zeggen niet dat een land niet mag bepalen wie wel en niet binnen mag komen. Maar het systeem dat impliceert dat waar iemands wieg stond, diens toekomst bepaalt, daar moeten we vanaf. Als je in Gelderland of Limburg bent geboren, kan je ook niet verboden worden om in Den Haag te gaan wonen.

[AS] Nederland vormt een politieke gemeenschap.

[LL] We constateren dat er spanning zit tussen de universele aanspraak van mensenrechten en de praktijk. De vanzelfsprekendheid van die praktijk willen we ter discussie stellen. Dat betekent niet dat de deuren worden opengezet en iedereen mag komen. Er kan een situatie ontstaan waarbij er zoveel brandhaarden zijn dat tien miljoen mensen zich aandienen bij de EU. Die kan dan zeggen: ‘Jongens, dit worden er te veel.’ Dan kom je bij een bovengrens. Maar in de jaren negentig kwamen er, gemeten over een periode van tien jaar, meer asielzoekers dan nu. Dat heeft veel gekost, maar daar is de samenleving niet aan onderdoor gegaan. Dat vinden wij relevante feiten voor de vraag wat we aan kunnen.

[AS] Maar gaat het om wat we aankunnen? Is de vraag niet: wat willen we aan?

[LL] Die vraag staat eigenlijk voorop, maar daar worden allerlei ongefundeerde argumenten over wat we kunnen bij betrokken. VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra zei in oktober: ‘Onze verzorgingsstaat gaat hieraan kapot.’ Dat is onzin. Je mag zeggen dat je geen enkele vluchteling wilt opnemen, maar als wetenschappers stellen wij: als we naar de feiten kijken is die opmerking over de verzorgingsstaat flauwekul. Een deel van de inwoners zal de vraag of we dit aan willen met nee beantwoorden. Maar uit onderzoek blijkt dat de meerderheid vindt dat Nederland vluchtelingen moet opnemen.

[AS] Jullie stellen dat hekken vluchtelingen niet tegen houden. Dat is het machteloosheidsargument: we kunnen er niets aan doen. Roept dat niet juist veel angst op?

[LL]  We moeten de macht terugnemen met een Europees asielbeleid, met fatsoenlijke opvangplekken waar mensen de EU binnen komen, en vervolgens beoordelen wie er mag blijven. Asielzoekers kunnen dan over de lidstaten worden verdeeld. Dat is de manier om zelf het initiatief te houden. En niet zoals nu gebeurt het eigen migratiebeleid mede laten bepalen door smokkelaars en autocratische regimes. Dat maakt nationale staten en de EU juist machteloos.

[AS] Grenzen worden gebruikt om de vreemdeling, de ander te definiëren. Is die neiging nu sterker dan voorheen?

[LL] De hardheid en de betekenis van nationale grenzen zijn na de Eerste Wereldoorlog toegenomen. Er zijn twee hete hangijzers in die discussie: de sociaal-economische effecten van migratie en de culturele impact. Als een verzorgingsstaat te veel mensen toe laat die niet bijdragen, ontploft die. Dat staten en gemeenschappen daar spelregels voor hebben, is onvermijdelijk. Die grens zou veel meer rond dat stelsel getrokken moeten worden dan aan de fysieke buitengrens van het territorium. In Europees verband is dat grotendeels al zo. Iedere EUburger kan overal werken, maar krijgt niet direct toegang tot de sociale voorzieningen. Dat systeem werkt, in weerwil van de stemmingmakerij in Groot-Brittannië rond de Brexit, al heel aardig. Voor arbeidsmigranten van buiten de EU zou iets soortgelijks kunnen gelden.

[AS] Dat onderscheid in de toegang tot voorzieningen is toch discriminatie op basis van geboortegrond?

[LL] In een wereld van staten is het billijk om mensen die in een bepaalde staat zijn geboren daar te beschermen. Ons idee is dat migranten zich op een nieuwe plek moeten kunnen inverdienen. In het land waar je geboren bent, hoeft dat niet. Zonder dat onderscheid is zoiets niet politiek haalbaar en niet levensvatbaar.

[AS] Dat kan mondiaal werken?

[HvH] Waarom niet? De Roemenen zijn niet met z’n allen naar West-Europa gegaan. In Spanje liep de werkloosheid enorm op, maar de Spanjaarden zijn niet massaal verhuisd. Het dominante patroon van menselijk leven is immobiliteit. Al decennia lang is slechts drie procent van de wereldbevolking migrant. En de meeste migranten vinden het volkomen redelijk dat ze een plek moeten verdienen in een verzorgingsstaat.

[AS] Zijn de culturele verschillen niet belangrijker?

[LL] Daar is verreweg de meeste discussie over gegaan. Maar er lopen allerlei debatten door elkaar. Er worden historische vergelijkingen gemaakt als: met de Marokkanen en Turken is het ook misgegaan. Maar de vluchtelingen vormen een heel andere groep. De Turken en Marokkanen werden destijds geselecteerd op ongeschooldheid en kwamen op een ongunstig moment in de economische ontwikkeling. Veel vluchtelingen uit het Midden-Oosten zijn beter opgeleid. De groep uit die landen die in de jaren negentig kwam, is uitgebreid onderzocht, ook als het gaat om opvattingen over man-vrouwverhoudingen. Wat veranderd is, is het maatschappelijk debat, met angst voor terrorisme, islamofobie. Moeten we dan zeggen: ‘De wind is nu wat guurder, dus we kunnen jullie niet meer hebben’? Of zeggen we: ‘We willen ons niet door die angst laten regeren’?

[HvH] Er zijn twee zijden aan deze medaille. De grens vertoont een januskop. Er is een verlangen naar behoud, maar het politieke klimaat is niet alleen angstig; er is ook een verlangen naar buiten. De globalisering is in grote lijnen verder gegaan, in economisch opzicht en qua communicatiemogelijkheden. Handel, toerisme en de drang om te reizen zijn toegenomen.

[AS] Maar de afkeer van globalisering keert zich voor een deel tegen migranten.

[HvH] Als globalisering een steeds grotere markt creëert voor het bedrijfsleven en onze goederen voor het overgrote deel uit het buitenland afkomstig zijn, is het een anomalie dat alleen mensen maar op hun plek moeten blijven.

[AS] Jullie zijn als wetenschappers heel actief geweest in het debat over migratie, wat hebben jullie bereikt?

[LL] Ik heb daar niet al te hooggespannen verwachtingen van, want de wind waait behoorlijk de andere kant op. Ik vind wel dat ik als wetenschapper verplicht ben dit te doen. Ik heb me vaker met het publieke debat bemoeid, op het moment dat ik dacht dat er te veel onzin werd verkocht. Ook daarvoor zijn er wetenschappers. Degenen die geïnteresseerd zijn, hebben recht te horen wat we over dit onderwerp weten. Welk standpunt ze vervolgens innemen, moeten ze uiteraard zelf weten. Ik had ook mijn mond kunnen houden. Mij is wel verweten activistisch te zijn. Ik heb weleens getweet: als activisme inhoudt dat je bereid bent debat te voeren met wetenschappelijke inzichten, oké, dan ben ik activist. Er zit ook wel spanning tussen wetenschappelijk werk en je eigen normatieve positie. Als je al mijn uitingen heel nauwkeurig bekijkt, is het heel goed mogelijk dat ik af en toe over dat lijntje heen ga. Maar tachtig procent van wat ik te zeggen heb, blijft binnen dat wetenschappelijk domein.

[AS] Komen jullie normatieve standpunten voort uit wetenschap of uit rechtvaardigheidsgevoel?

[LL] Allebei.

[HvH] Voor een groot deel het laatste. En het idee van rechtvaardigheid is gegrond in de wetenschap. Heel veel wetenschappers kijken met grote verwondering naar hoe de EU met migranten omgaat.

[AS] Dat is opvallend, wetenschappers denken dat iets heel anders zou moeten gebeuren dan er in de politieke werkelijkheid gebeurt.

[LL] In de klimaatdiscussie heeft die spagaat ook heel lang bestaan. Migratiewetenschappers kijken iets technischer naar migratie dan de meeste politici of het algemene publiek. We weten hoe migratiemechanismen werken, hoe bepaalde maatregelen werken. Politici weten dat soms ook wel, maar nemen het niet altijd over. Migratie is ook iets heel emotioneels. En emotie en ratio bijten elkaar natuurlijk vaak. Mensen gaan af op hun eigen perceptie en dan kun je ze dertig keer een statistiek laten zien; ze baseren hun oordeel op waar zij mee te maken hebben. Als dat soort gevoelens worden gepolitiseerd, is het voor wetenschappers lastig er tegenin te gaan.