Advertentie
BannerNederlandseBoekengids-winter2025

De Rentrée littéraire herfst 2025

Welke boeken verschenen de afgelopen maanden in Frankrijk, wat houdt Franse lezers bezig, en op welke auteurs en debutanten hebben literaire jury’s en (Nederlandse) uitgevers hun ogen gericht? Marjolein Corjanus en Manet van Montfrans leiden de lezers langs de nieuwe oogst uit Frankrijk. Onze acquirerende redacteuren signaleren dat er ook in Frankrijk steeds meer aandacht is voor de familie, in de zogeheten ‘récit de filiation’.

Besproken boeken

Dit najaar verschenen er in Frankrijk tussen half augustus en eind oktober 384 nieuwe romans (in 2024 waren dat er 311). Het aantal lezers neemt gestaag af, het aantal schrijvers kennelijk niet. Er zijn opvallend veel debuten (73), waarschijnlijk heeft dat ook te maken met de vele schrijfwedstrijden, schrijversvakscholen, workshops bij uitgeverijen en diverse universitaire masteropleidingen. 

Het grote thema van deze rentrée is ‘familie’. Actuele onderwerpen als klimaatcrisis, oorlog en dekolonisatie zijn in de Franse literatuur naar de achtergrond gedrongen door het onderzoek naar de eigen komaf. Ook voor bekende schrijvers als Carrère, Jauffret, Mauvignier, Millet en Nothomb lijkt de tijd aangebroken om zich aan het zo populaire genre van de familiegeschiedenis, het zogeheten ‘récit de filiation’ of generatieroman, te wagen, en levens van moeders, vaders, (over)grootouders, broers en zussen te reconstrueren. Dat de Geschiedenis hierbij ook om de hoek komt kijken, is natuurlijk geen verrassing. Een van de favorieten van dit najaar was Emmanuel Carrère met Kolkhoze (Prix Médicis). Net zoals Carrère belichten Jauffret, Millet en Nothomb de relatie met hun moeder. Mauvignier redt bij zijn poging om de geschiedenis van een doodgezwegen grootmoeder te achterhalen, maar liefst vier generaties van de vergetelheid (Prix Goncourt). Maar zoals uit onderstaande signalementen mag blijken, zijn deze vijf generatieromans slechts het topje van een ijsberg. Er verschijnen ook biografische en historische romans (Victor Hugo), toekomstromans (Minard), briefwisselingen (Breton – Gracq, Gary, en Proust), literaire essays (Roubaud en Rouaud), historische en sociologische studies (Cabanes, Joly, Heinich). De aandacht voor de oorlog tussen Rusland en Oekraïne lijkt afgenomen, wel zijn er een aantal publicaties over Gaza en Israël (Alsoumi, Hakim El Karoui, Grataloup).

Bijzondere thema’s in deze rentrée zijn het uitgeverijwezen zelf (zie Cauwelaert en Gruber), het vrouwenlichaam (Cressan met Nourrices) en vrouwenrechten. Absolute kanshebber was Natacha Appanah met haar boek over ‘féminicide’, zij was zes keer genomineerd en won uiteindelijk de Prix Femina.  

Parijs

Patrick Modiano, Christian Mazzalai, 70 bis, entrée des artistes, Gallimard

Klassiek auteur Modiano (Nobelprijs 2014) en rock-musicus Mazzalai stelden een boek samen over het adres rue Notre-Dame-des-Champs 70b, waar lang een kunstgalerie was, een pleisterplaats voor onder meer Toergenjev, George Sand, Monet, Picasso, Zadkine, en vele andere kunstenaars. De oorspronkelijke wijk moest in de jaren zestig plaatsmaken voor kantoren, de bekende grote toren en een uitbreiding van station Montparnasse. Mazzalai kreeg via een vriend een kist met documenten over de galerie in handen, als een soort tijdcapsule. Het boek, uitgegeven in de prestigieuze Collection Blanche van Gallimard, is een echt kijk-en-leesboek, vol foto’s, oude annonces en correspondentie. Het is typisch voor Modiano om verloren tijden en stukjes Parijs weer tot leven te brengen.

Philippe Broussard, Le Photographe inconnu de l’Occupation, Seuil

In 2020 kreeg Philippe Broussard, journalist en adjunct-redacteur voor Le Monde, bij toeval een fotoalbum in handen dat was gevonden op een rommelmarkt. Het album bleek bijna vierhonderd foto’s te bevatten, clandestien genomen tijdens de Duitse bezetting van Parijs. Broussard rustte niet voordat hij de fotograaf had achterhaald, waarbij de eerste clou was dat alle foto’s rondom warenhuis Printemps waren genomen. Het lukte medewerker Raoul Minot tussen 1940 en 1943 clandestien meer dan duizend foto’s te nemen van het dagelijks leven in bezet Parijs. Vaak schreef hij op de achterkant cynisch commentaar over ‘Le Paris des ‘Fritz’’. Minot, die ook in het verzet zat, werd begin 1943 verraden en gedeporteerd om uiteindelijk vlak na de bevrijding in Duitsland te overlijden. De uitgave van het boek van Broussard, inclusief vele foto’s van Minot, kwam mede tot stand met hulp van lezers van Le Monde waarin hij in 2024 in vier artikelen verslag deed van zijn zoektocht. Het boek van Broussard is niets minder dan een eerbetoon aan Minot. Het boek was genomineerd voor de Prix Médicis Essai in 2025.

Dirk Leyman, Passage Parijs, Pelckmans. Een kloeke literaire gids van Parijs, met veel foto’s, leesfragmenten en schrijversportretten, van onder andere Marguerite Yourcenar, Roland Barthes, Colette, Georges Perec en Raymond Queneau. Ook buitenlandse auteurs zoals Witold Gombrowicz, George Orwell,  Jean Rhys, Janet Flanner en James Baldwin komen aan bod. Een boek om in te blijven lezen en te bladeren.

En voor de liefhebbers van zowel wandelen in Parijs als het werk van Georges Perec, is sinds 28 september de online wandelroute online beschikbaar via de gemeente Parijs: ‘En remontant la rue Vilin’. Het was de straat waar Perec in zijn vroege jeugd woonde en die in de jaren zeventig afgebroken werd.

Gallimard

De archieven van Gallimard bleven lang ontoegankelijk voor geïnteresseerden. Pas de laatste twintig jaar komt hier verandering in, wat dit jaar leidt tot drie prachtige uitgaven van nooit eerder gepubliceerde briefwisselingen.

André Bréton, Julien Gracq, Correspondance 1939-1966

Romain Gary, Lettres à Sigurd 1937-1944

Gaston Gallimard, Marcel Proust, Lettres retrouvées 1912-1922

Familiegeschiedenissen

Anne Berest, Finistère, Albin Michel

Na het uiterst succesvolle La carte postale (2021), onderzoekt Berest nu haar familie van vaderskant, met sterk Bretonse wortels. De kleine en de grote geschiedenis zijn nauw met elkaar verweven, vanaf de oprichting van de boerencoöoperaties tot mei ’68, via de Duitse bezetting in een dorp in Finistère en het bombardement van Brest in 1944. Was genomineerd voor de Prix Renaudot en de Prix Interallié. 

Franck Bouysse, Entre toutes, Albin Michel

Marie werd in 1912 geboren op een boerderij in de Corrèze. Zij zou er nooit weggaan. Bouysse, bekend van het sombere, melodramatische Née d’aucune femme (Prix des libraires 2019), vertelt in zijn nieuwe boek een mooi intiem verhaal over het leven van deze Marie, zijn grootmoeder.  

Emmanuel Carrère, Kolkhoze, P.O.L.

Van Carrère, zoon van de bekende, uit Georgië afkomstige historica Hélène Carrère d’Encausse, en een van de meest succesvolle hedendaagse non-fictieschrijvers, verschijnt nu Kolkhoze, een familiegeschiedenis die vier generaties omspant en zich afspeelt in Rusland, Frankrijk en Oekraïne. Een groots epos gebaseerd op archieven, herinneringen en familiegeheimen, maar ook een niets verhullend portret van zijn dominante, eerzuchtige moeder. Zie ook hier onze bespreking. Was genomineerd voor de Prix Goncourt en won de Prix Médicis. 

Hélène Cixous, Ce qui n’était jamais arrivé, Gallimard

De grote Cixous, inmiddels 88, publiceerde literaire studies (o.a. over Derrida en Kafka)  maar ook autobiografische romans, vaak over haar eigen familie, met joods-Algerijnse wortels. Aanleiding voor deze roman was de dood van haar broer en haar vondst van de briefwisseling die hij voerde met hun vader en moeder. Het boek van Cixous is als een heen-en-weergang tussen heden en verleden, en Cixous zou Cixous niet zijn als er niet vele literaire verwijzingen in haar tekst te vinden zijn, zoals naar De Toverberg van Thomas Mann.

Fatou Diome, Aucune nuit ne sera noire, Albin Michel

Na veel non-fictiewerk komt de Frans-Senegalese schrijfster Fatou Diome nu met een roman, waarmee ze naar verluidt al twintig jaar onder de arm liep. In haar roman keert zij terug naar haar Afrikaanse geboortedorp en naar haar grootvader die de belangrijkste persoon in haar leven was. Tegelijkertijd is haar roman een ‘portrait en creux’, een eclipsroman omdat haar terugkeer alles te maken had met haar moeder die zij nooit aansprak met ‘maman’ (wel als ‘grande soeur’) en van wier leven zij geen deel mocht uitmaken. Een ontroerend familieportret.

Catherine Girard, In violentia veritas, Grasset

Girard vertelt in dit debuut het verhaal van haar vader, die op jonge leeftijd beschuldigd werd van de moord op zijn vader, tante en een bediende. Hij werd vrijgesproken maar bekende in de jaren zeventig aan zijn dochter dat hij de drievoudige moord wel had begaan. Onder het pseudoniem Georges Arnaud schreef Henri Girard in 1950 Le salaire de la peur, in 1953 bloedstollend verfilmd door Henri Georges Clouzot. Toen Catherine Girard erachter kwam dat ze ‘la fille de l’assassin’ (de dochter van de moordenaar) werd genoemd, nam ze zich voor de geschiedenis van haar vader te ontrafelen. De zaak Girard heeft de gemoederen tot in de 21ste eeuw bezig gehouden. Zie bijvoorbeeld Philippe Jaenada, La Serpe, 2017. Was genomineerd voor de Prix Méduse.

Fabrice Humbert, De l’autre côté de la vie, Calmann Lévy

Humbert waagt zich niet voor het eerst aan het thema van de Tweede Wereldoorlog (zie L’origine de la violence, 2009; Nederlandse vertaling Marianne Kaas). Deze nieuwe roman speelt zich af in het Parijs van 1940, wanneer de Franse bevolking vlucht voor de oprukkende nazi’s. De verteller vertrekt met zijn twee kinderen en vertelt in een monoloog over hun tocht naar de vrijheid, richting de Jura.

Régis Jauffret, Maman, Récamier

Na haar dood schrijft Jauffret, meermaals bekroond auteur die in 1985 debuteerde, een autobiografie van zijn moeder. Een lastige opgave omdat de zoon enerzijds dankbaar is voor de gelukkige jeugd die zij hem gaf, maar ook ontdekt hoe ze hem zijn hele leven voorgelogen heeft. Nietsontziende, oprechte en soms ook humoristische literatuur. In 2020 schreef Jauffrett al Papa, dat veel meer historisch van aard is. Ook Maman is niet te missen lectuur. Zie hier onze eerdere Jauffret-bespreking.

Caroline Lamarche, Le Bel Obscur, Seuil

Terwijl zij probeert het lot te ontrafelen van een verre voorouder die uit de familie was verbannen, brengt dit de schrijfster op de geschiedenis van haar eigen leven. Jaren geleden onthulde haar man, haar eerste grote liefde en vader van haar twee zonen, dat hij homoseksueel was. In haar boek beschrijft Lamarche, subtiel en genuanceerd, de omwenteling die dit in hun leven teweegbracht. Was genomineerd voor de Prix Goncourt en de Prix Décembre. 

Yanick LahensPassagères de nuit, Sabine Wespieser

In haar roman schetst de Haïtiaanse schrijfster Yanick Lahens het portret van twee vrouwen. De ene, geboren in Nieuw Orleans in 1818, is na verschillende aanrandingen gevlucht naar Haïti. De andere, grootmoeder van de schrijfster, heeft als vrijgemaakte slaaf, de reis in omgekeerde richting gemaakt. Lichtende bakens van verzet. Was ook genomineerd voor de Prix Goncourt en won eind oktober de Prix du Roman de l’Académie Française.

Justine Lévy, Une drôle de peine, Stock

Lévy, dochter van de bekende filosoof Bernard-Henri Lévy (‘BHL’ voor de Fransen) en topmodel Isabelle Doutreluigne, neemt in haar werk altijd haar eigen leven als onderwerp en vertelt in Une drôle de peine over de periode in haar leven waarin ze, zwanger, haar moeder verliest. In haar zoektocht naar haar identiteit als vrouw en naar haar moeder als individu, probeert ze de familielijnen en herinneringen te vangen en steeds dichter bij haar moeder te komen. Was genomineerd voor de Prix Renaudot en de Prix Interallié.

Laurent Mauvignier, La maison vide, Minuit

Mauvignier, bekend van onder meer Dans la foule, Des Hommes (Nederlandse vertalingen van Manik Sarkar) et Histoires de la nuit, is een van de meest getalenteerde schrijvers van zijn generatie. In zijn tiende roman schrijft hij over het familiehuis dat zijn vader in 1976 ontgrendelde nadat het twintig jaar op slot had gezeten. Voor de schrijver de aanleiding om, op basis van de achtergelaten spullen (een vleugel, oorkondes, foto’s waarvan één gezicht is afgeknipt) en verhaalfragmenten, de door drie oorlogen getekende geschiedenis van vergeten generaties te reconstrueren. Zie ook hier onze bespreking van zijn toneelstuk Proches. Mauvignier ontving op 3 september 2025 de Prix littéraire Le Monde en op 4 november de Prix Goncourt.

Catherine Millet, Simone Emonet, Flammarion 

De moeder van Millet werd geboren in 1918 vlak voor het einde van de Eerste Wereldoorlog, ze trouwde in 1939, een paar maanden voordat haar man onder de wapens werd geroepen en als krijgsgevangene vijf jaar in Duitsland doorbracht. Ze was knap, elegant en intelligent. Maar in 1982 besloot ze een einde aan haar leven te maken. Misschien omdat, volgens Milllet in dit mooie, ingetogen portret, zij zich niet meer gezien voelde. Was genomineerd voor de Prix Le Monde.

Matthieu Niango, Le fardeau, Mialet-Barrault

Niango, van Frans-Ivoriaanse afkomst, ontdekt pas als hij drieëntwintig is dat zijn Franse moeder geadopteerd is en geboren werd uit een Lebensborn-project, de beruchte kinderkweekvijver die de nazi’s bedachten. Niango ontrafelt de schokkende biologische afkomst van zijn moeder.

Amélie Nothomb, Tant mieux, Albin Michel

In haar nieuwste boek maar ook in interviews is Nothomb persoonlijker en openhartiger dan ooit. Nothomb schrijft deze keer over haar band met haar moeder, die in 2024 na een langdurig lijden aan Parkinson overleed. Een liefdesgeschiedenis, een boosaardig sprookje en tegelijkertijd een ode aan haar moeder. Zie ook onze eerdere bespreking van haar boek L’impossible Retour uit 2024. 

Kevin Orr, Laure, Seuil

Een zoon zit aan het sterfbed van zijn vader en geeft zich over aan zijn herinneringen. Onder andere aan herinneringen aan zijn grillige, ontspoorde moeder die lang geleden een plotselinge dood gestorven is. In het middelpunt van het verhaal staat Laure, zijn eerste liefde, kortstondige bron van hoop en luciditeit. Maar zoals de Laura van Petrarca, verdwijnt, kort na de moeder, ook zij uit zijn leven. Gevoelige tweede roman van een subtiel schrijver over een leven in de schaduw van een gestorven geliefde. Was genomineerd voor de Prix Décembre en de Prix Médicis.  

Anthony Passeron, Jacky, Grasset

Deze geschiedenis speelt zich net zoals het succesvolle debuut, Les enfants endormis, af in de jaren tachtig/negentig in een vallei boven Nice. Passerons vader geeft zijn passie voor videogames door aan zijn tweelingzonen, Anthony en zijn broer. Totdat hij op een dag plotseling vertrekt en het gezin ontredderd achterlaat. Bitterzoet sociaal drama. Was genomineerd voor de Prix Femina en de Prix Décembre. 

Léonor de Récondo, Marcher dans tes pas, Iconoclaste 

Meervoudig bekroond schrijfster de Récondo reconstrueert de levensloop van haar Spaanse grootmoeder die tijdens de burgeroorlog onder Franco het land ontvluchtte met haar gezin. In een poëtische stijl beschrijft De Récondo hoe zij de weg naar het verleden en haar familie terugvond, alles wat de burgeroorlog niet heeft kunnen uitwissen. In het tegelijkertijd verschenen Goya de père en fille (Verdier) schrijft ze hoe haar vader, de schilder Félix de Récondo, haar toen zij vier jaar oud was, vertelde hoe hij zelf op die leeftijd met zijn moeder en zijn broers in 1936 op de vlucht sloeg voor de burgeroorlog. Met de schilderijen van Goya (Les Désastres de la guerre) en die van haar vader (Prison) voor ogen probeert Récondo, behalve schrijfster ook barokvioliste, de geschiedenis van haar vader te reconstrueren via de schilderkunst, literatuur en muziek.   

Vanessa Schneider, La peau dure, Flammarion

Journaliste Vanessa Schneider schreef in dit boek een afstandelijk literair portret van haar vader, auteur en psychoanalyticus Pierre Schneider (1944-2022). In haar ogen is hij een typische vertegenwoordiger van de babyboomgeneratie, bevrijd van conventies maar ook opmerkelijk egocentrisch. Toen zijn dochter haar eerste boek publiceerde, vroeg hij haar om onder een andere naam te publiceren. Er mocht maar één Schneider in de vitrine van de boekhandels liggen. 

Vanessa de Senarclens, La bibliothèque retrouvée, une enquête, Zoé

De Zwitserse academica Vanessa de Senarclens kreeg jaren geleden via haar schoonfamilie een catalogus in handen, met daarin 16.000 titels. De collectie, ondergebracht in een kasteel in het Oost-Duitse Pommern, ging verloren bij de inval van het Russische leger in 1945. De Senarclens beschrijft de geschiedenis van deze collectie en haar pogingen deze te achterhalen. 

Raphaël Sigal, Géographie de l’oubli, Robert Laffont 

Sigal schreef een aandoenlijk debuut over zijn familie waarin geen verhalen werden verteld maar waar stilte over het verleden overheerste. Stilte uit onmacht, stilte uit opzet, stilte vanwege Alzheimer. Sigal probeert met name het verleden van zijn grootmoeder, die de Shoah meemaakte, te reconstrueren, in een tekst die soms doet denken aan het werk van Georges Perec. Bekroond met de Prix Méduse.

David Thomas, Un frère, L’Olivier

Thomas schreef met dit memoriam voor zijn oudere broer misschien wel de aangrijpendste familieroman van deze rentrée. Na Adèle Yon met haar meervoudig bekroonde, wetenschappelijk onderbouwde, portret van haar overgrootmoeder (Mon vrai nom est Élisabeth, zie onze bespreking hier), doorbreekt Thomas ook hier het taboe van de psychiatrie. Hij beschrijft het (korte) leven van zijn broer Édouard, die al jong als schizofreen werd gediagnosticeerd en zijn hele leven heen en weer werd geslingerd tussen apathie, depressies en paranoia, ‘opgesloten in niet te bevatten lijden’. Pas twintig jaar na de dood van Édouard durft David het nu aan om dat lijden te beschrijven, zonder opsmuk en vol broederliefde. Was genomineerd voor de Prix Femina. 

Camille de Toledo, Au temps de ma colère, Verdier

Veelzijdig en origineel auteur Camille de Toledo kijkt in zijn nieuwste roman terug op zijn jongere ik, een ‘hij’ in het boek, die tegen het einde van het tweede millennium zijn eerste essay schrijft over de val van de Berlijnse muur in 1989, en op 11 september 2001 de geschiedenis uit haar door Fukuyama voorspelde dood ziet opstaan. Hij schetst ook de woede (zie titel) die hij toen voelde tegenover zijn babyboom-ouders, well-to-do linkse intellectuelen, die zich zonder aarzeling achter het evangelie van een gemeenschappelijke markt, economische vooruitgang en globalisering schaarden. De moeder, ambitieuze journaliste bij onder meer de Nouvel Observateur (Christine Mital), moet in het boek haar plaats in het leven van haar zoon afstaan aan die andere gewone vrouw die voor hem zorgde en er altijd was: Mazet, afkorting van Mademoiselle, Ma’zelle. De tegenstelling tussen de twee vrouwen symboliseert ook de groeiende sociale ongelijkheid, in dit geval de hypocriete uitbuiting onder het mom van het belang van de publieke zaak. Zie ook hier onze bespreking van Une histoire de vertige uit 2023.

Antoine Wauters, Haute-Folie, Gallimard 

Als hoofdpersoon Josef geboren wordt, spelen zich verschillende drama’s in zijn familie af, die lang voor hem verzwegen worden maar hem in feite altijd omringen. De titel Haute Folie verwijst naar het zwijgzame, afgelegen platteland en naar de naam van de boerderij die in vlammen opging maar die hem altijd aan zijn familie zal herinneren. Tussen alle familiesaga’s die in deze rentrée verschijnen, is het boek van de al meermaals bekroonde Belg Wauters, die inmiddels al acht titels op zijn naam heeft staan, een ‘anti-saga’ genoemd, vol fantomen, stiltes en verdriet.

Ander autobiografisch proza 

Sorj Chalandon, Le livre de Kells, Grasset

Weggelopen van huis op zeventienjarige leeftijd, op de vlucht voor een gewelddadige en antisemitische vader, komt de verteller, het alter ego van Chalandon, terecht in Parijs, waar hij een jaar op straat leeft met alle ellende vandien, totdat een filantropische familie zich over hem ontfermt. Hij wordt lid van de verboden extreem-linkse beweging, la Gauche Révolutionnaire, die zichzelf, na de dood van maoïst Pierre Overney in 1972, opheft. Chalandon wordt dan in 1973 medewerker van het mede door Sartre opgerichte dagblad Libération. Een persoonlijk avontuur maar ook de geschiedenis van een geëngageerde jeugd in een gewelddadige tijd. Bekroond met de Prix Roman News. 

David Deneufgermain, L’adieu au visage, Marchialy

Maart 2020. Frankrijk gaat op slot. Een psychiater verdeelt zijn tijd tussen zijn mobiele team, dat door een spookstad rijdt om psychisch kwetsbare mensen te helpen, en de Covid-afdelingen in het ziekenhuis, waar patiënten moederziel alleen sterven en hun familie zelfs geen vijf minuten krijgt om afscheid van hen te nemen. Iedereen, in het ziekenhuis of daarbuiten, schippert tussen gehoorzaamheid aan de regels en verzet tegen de verontmenselijking. De familieleden mogen zelfs het gezicht van de gestorvenen, zo vlug mogelijk opgeborgen in een lijkenzak, niet meer zien. Deneufgermain, die dienst had bij het mortuarium, vertelt in tweeëntwintig sequenties, gebaseerd op het dagboekje dat hij in de Coronatijd bijhield, zijn strijd om deze, voor patiënten en hun familie afschuwelijke regels te omzeilen. Was genomineerd voor de Prix Goncourt. 

Charif Majdalani, Le nom des rois, Stock

De Libanese schrijver-hoogleraar Charif Majdalani schreef een initiatieroman waarin het lot van zijn vaderland een grote rol speelt. De student Charif kijkt op van zijn studie in atlassen, geschiedenissen en verre landen en realiseert zich: ‘De geschiedenis speelt zich voortaan voor mijn ogen af en ik vind haar lelijk, platvloers en ordinair.’

Lydie Salvayre, Autoportrait à l’encre noir, Robert Laffont 

Lydie Salvayre, die in 2014 de Prix Goncourt won voor haar historische roman Pas pleurer, richt nu de pijlen op zichzelf, in een grappig en nietsontziend zelfportret. Haar Andalusische vader ontvluchtte de burgeroorlog in 1939. 

Cédric Sapin-Defour, Où les étoiles tombent, Stock

In deze ‘roman vrai’ waarvan veel verwacht wordt (eerste oplage van 100.000 exemplaren) is Sapin-Defour verteller en personage tegelijk. Tijdens het beoefenen van hun geliefde sport, paragliden, verliest hij zijn partner Mathilde uit het oog, even later blijkt dat ze een zwaar ongeluk heeft gehad. Hij beschrijft hoe ze aan amnesie lijdt en maandenlang moet revalideren. Hij wijkt niet van haar zijde. Na het veelgeprezen Son odeur après la pluie (2023) is dit opnieuw een meesterlijk geschreven liefdesroman.

Anne Serre, Vertu et Rosalinde, Mercure de France

Anne Serre (1960) heeft achttien titels op haar naam staan, en wordt in een twintigtal landen vertaald. Zo verscheen haar in 2023 verschenen tekst Notre chère vieille dame auteur ook in het Nederlands (vertaling Kathelijne de Vuyst). In haar nieuwe boek schetst de fantasierijke vertelster in dertig fragmenten een steeds ander beeld van zichzelf. Haar identiteit verandert van verhaal tot verhaal; nu eens is zij volwassen, dan weer kind, nu eens Annelise, dan weer Hanna. Ze wisselt steeds van genre en toon, doorbreekt emotie met nonsens, en neemt haar lezer mee in een duizelingwekkende rondedans die uitmondt in een bijzonder zelfportret. Ze onderscheidt zich door radicaal non-conformisme en doet geen enkele concessie aan de clichés van het ogenblik. Was genomineerd voor de Prix Décembre, Prix Femina en de Prix Médicis. 

Laura Vasquez, Les Forces, Sous-sol

Deze zeer getalenteerde schrijfster debuteerde in 2014 met een dichtbundel, La Main de la main, bekroond met de Prix de la Vocation. In 2023 kreeg zij voor haar dichtwerk de Prix Goncourt voor de poëzie. Na La semaine perpétuelle in 2017, waarvoor zij een speciale vermelding van de Prix Wepler ontving, publiceert zij nu met Les Forces haar tweede prozawerk. Het is een coming-of-age roman waarin de vertelster haar eigen volwassenwording en haar politieke bewustwording beschrijft. Hoe te leven in een wereld waarin alles al dood lijkt te zijn? Vasquez stort zich met de kracht van een tornado in de grote levensvragen, niet om er een antwoord op te vinden maar om de gelaagdheid ervan te ontdekken. Won de Prix Décembre.

Biografische romans

Salim Bachi, Le rocher des proscrits, Plon 

Bachi schreef een roman geïnspireerd op het leven van Victor Hugo, in het bijzonder op zijn ballingschap op het eiland Jersey. Een origineel portret van de schrijver, die ver van zijn successen in zijn vaderland, gedwongen is zichzelf en zijn eigen overtuigingen onder ogen te zien.

Sibylle Grimbert, Au pays des Pnines, Premier Parallèle 

Voor deze originele roman bedacht Grimbert een fictieve gids die Pnin opzoekt, de hoofdpersoon van de roman Pnin van Vladimir Nabokov uit 1957. Oorspronkelijk deels gebaseerd op Nabokov zelf, krijgt deze Pnin in deze biofictie er nog een gelaagdheid bij. Zie ook onze eerdere Grimbert-bespreking hier.

Alfred de Montesquiou, Le crépuscule des hommes, Robert Laffont 

Schrijver en journalist de Montesquiou verdiepte zich in de journalisten en fotografen die in 1945-1946 verslag deden van het Neurenbergproces, waar zoveel nazikopstukken werden verhoord en berecht. Een reconstructie en een roman ineen, een caleidoscopisch verslag van alle indrukken en emoties die zich voordeden, aaneengeregen zonder alwetend verteller, maar zeer solide gedocumenteerd. Won de prix Renaudot Essais.

Louis-Henri de La RochefoucauldL’amour moderne, Robert Laffont

Zoals altijd in zijn œuvre, vormt het 16de arrondissement van Parijs, met zijn gezapige sfeer en gegoede milieu, de achtergrond van de nieuwste roman van Louis-Henri de la Rochefoucauld. Hoofdpersoon Ivan Kamenov bevindt zich in de wereld van toneel en film en beziet de wereld met de nodige ironie, waar de schrijver werkelijkheid en fictie in elkaar doet overgaan. Echter, nooit eerder in zijn schrijversschap, koos de la Rochefoucauld ervoor om een waargebeurde tragedie uit zijn jeugd, een gezinsmoord, in zijn fictie op te nemen. Zo gaat zijn dramatische stijl soms over in diep zwart. Won de Prix Interallié.

Alissa Wenz, Le désir dans la cage, Les Avrils

De Franse componiste Mélanie Bonis (1858-1937) vocht voor erkenning als kunstenaar en haar zelfstandigheid als vrouw. Ze werkte samen met o.a. Debussy en Franck. Haar ouders haalden haar van het conservatorium en arrangeerden een huwelijk. Een leven lang werd ze heen en weer geslingerd tussen ‘la raison et la passion’. De biofictie van Wenz brengt haar muziek weer naar het publiek. Wie koopt de filmrechten?

Carole Wrona, La Nana de Zola, Atlande Littératures

Wrona schreef een roman over de zoektocht van Émile Zola (1840-1902) naar het juiste model voor zijn roman over een courtisane: Nana (1980). Hij/zij baseerde zijn personage mede op de grootste schandaalmadame van dat moment: Valtesse de la Bigne.

Romans/documentaires

Rachid Benzine, L’homme qui lisait des livres, Julliard

In deze Franse roman die in het huidige Gaza speelt (een unicum?) treft een Franse fotograaf een Palestijnse boekhandelaar. De oude man vertelt zijn levensverhaal, een soort Palestijnse Odyssee, waarin hij koos voor de taal om in te schuilen en om zich te verzetten. In zijn wereld hebben de woorden en niet de bommen het laatste woord. 

Arno Bertina, Des obus, des fesses et des prothèses, Verticales

Bij Verticales, een imprint van uitgeverij-gigant Gallimard, verschijnt een bijzonder originele roman van de sterk sociaal geëngageerde schrijver en journalist Arno Bertina. In een paleis nabij Tunis treffen twee groepen mensen elkaar die ogenschijnlijk niets met elkaar gemeen hebben: de helft bestaat uit mannen die zwaar geleden hebben onder de oorlog in Lybië en moeten revalideren van hun verminkingen. De andere helft bestaat uit vrouwen die herstellen van de plastische chirurgie die ze elders hebben ondergaan. Vandaar de titel Granaten, billen en prothèses.

Camille Bordas, Des inconnus à qui parler, Denoël

Bordas, die in Frankrijk en Mexico opgroeide, maar inmiddels in de Verenigde Staten woont, schrijft boeken in zowel het Engels als het Frans. Deze nieuwe, Franstalige roman speelt in Chicago, in de ‘scene’ van de stand-upcomedy. Een omgeving waarin iedereen en alles materiaal kan worden voor een grap op het podium. Was genomineerd voor de Prix Le Monde.

Paul de Brancion, L’armée des frontières, Nadeau-Les Lettres Nouvelles

De Brancion belicht een onbekende episode uit de Algerijnse burgeroorlog. Hoofdpersoon Issa Walther, zoon van een Algerijnse moeder en een nazi-officier, wordt gerekruteerd als undercover-agent voor de FLN, het Front de libération nationale in Algerije. 

Sarah Chiche, Aimer, Julliard

Deze zesde roman van Sarah Chiche, schrijfster, psychoanalytica en activiste, wordt nu al bestempeld als de beste van haar œuvre. Chiche schrikt er niet voor terug om een enorm ‘sentimenteel fresco’ te schilderen dat meerder decennia omvat, het tijdsbeeld tussen de jaren tachtig en het heden treffend schetst en dat alles als achtergrond voor een oude liefde tussen twee mensen die na jaren weer opbloeit. Kan dat? Ja, Chiche bewijst dat het kan. Zie hier onze bespreking van haar roman over Goya, Les Alchimies, uit 2023.

Adelaïde de Clermont-Tonnerre, Je voulais vivre, Grasset

Adelaïde de Clermont-Tonnerre is auteur en journalist en werd voor haar eerdere werk, zoals Fourrure uit 2010 en Les Jours heureux uit 2021, meermaals bekroond. In haar nieuwste, fantastische roman Je voulais vivre is de hoofdpersoon de jonge, mysterieuze Anne, die opgroeit als Lady Clarick en Milady en zeer invloedrijk wordt. Ze heeft het oor van Richelieu en is de spil in een leven van verraad, intriges en zelfs moord. Ze leeft door de eeuwen heen en strijdt voor haar vrijheid en haar idealen, in een stijl die doet denken aan Les Trois Mousquetaires van Dumas. Terechte winnares van de Prix Renaudot.

Fatima Daas, Jouer le jeu, L’Olivier 

De wereld van Kayden wordt begrensd door haar moeder Aïsha, Shadi, haar oudere zus en bondgenoot, haar schoolvrienden, de sportieve Nelly, de dromer Sammy en Djenna. Ze ziet hoe ieder van hen in een hokje van een rigide systeem opgesloten zit en begint te schrijven. Haar docent letterkunde ontdekt haar talent en stuurt haar naar Sciences Po, een van de Franse elite-opleidingen. 

Chloe Delaume, Ils appellent ça l’amour, Seuil

Delaume, die in het echt Nathalie Dalain heet, vindt zichzelf in haar werk steeds opnieuw uit, in een polemische en soms vervreemdende stijl. In haar essay uit 2008 S’écrire mode d’emploi, schrijft ze letterlijk: ‘Ik heet Chloe Delaume, ik ben een fictief personage.’ In haar nieuwe roman Ils appellent ça l’amour voert ze haar alter ego Clotilde op, die in gewetensnood komt tijdens een weekendje weg met vriendinnen. In het dorp blijkt nog steeds ‘de Meneer’ te wonen, een geschiedenis die Clotilde dacht te hebben afgesloten. Aangrijpend.  

Agnès Desarthe, L’oreille absolue, L’Olivier

De lotgevallen van vier personages die geen enkele band lijken te hebben behalve dat ze in dezelfde harmonieband spelen. Polyfone roman in een geraffineerde stijl. Was genomineerd voor de Prix du roman FNAC.

Alice Ferney, Comme en Amour, Actes Sud

Vijfentwintig jaar na haar bestseller La conversation amoureuse, pakt schrijfster en econome Alice Ferney de draad van de dialoog tussen geliefden weer op. In veertig hoofdstukken breekt de lijn van het gesprek over de liefde, het lot en de filosofie niet. In de pers al een krachtig betoog genoemd tegen het idee dat gevoelens kunnen vergaan of dat de mens zichzelf moet wegcijferen in de liefde. Ferney schrijft erover zonder te vervallen in clichés. Was genomineerd voor de Grand Prix du roman de l’Académie française. 

Pierre Jourde, La marchande d’oublies, Gallimard

Een geschiedenis die zich afspeelt aan het einde van de negentiende eeuw in de wereld van het circus en de jaarmarkten. Dwergen, reuzen, mensen met vreemde huidziektes worden er  aan het publiek getoond. Een familie van clowns en acrobaten, de Helquins, vier jongens en een meisje, verzorgt macabere en griezelige voorstellingen. De benjamin, de meest talentvolle van de vijf, verliest zijn verstand en verdwijnt jarenlang uit beeld, de zuster wordt verliefd op haar zenuwarts die haar uit een zeven jaar durende slaap wekt. Jourde, specialist van Huysmans, heeft zich laten inspireren door diens beschrijving van de Hanlon, bekende Engelse circusclowns, en ook de tussen 1850 en 1880 groeiende belangstelling voor geestesziekten. Was genomineerd voor de Prix Renaudot.

Alain Mabanckou, Ramsés de Paris, Seuil

Van de Frans-Congolese schrijver Alain Mabanckou weer een rijke, zelfs ‘bont’ genoemde roman, die zich afspeelt in de volksbuurten van Parijs. Thema is ook hier de Afrikaanse ballingschap. Door de uitgever een moderne versie van ‘Duizend-en-een-nacht’ genoemd.

Khosraw Mani, Rattraper l’horizon, Actes Sud

Khosraw Mani, van oorsprong Afghaans, schreef al eerder twee boeken, maar nu voor het eerst in het Frans. Zijn Franse debuut speelt in het Afghanistan vanaf 2001 en is een ode aan de vrijheid en aan de literatuur, als sterk politiek getinte keus.

Blaise Ndala, L’équation avant la nuit, Lattès

De Canadese schrijver Ndala, die eerder werkte voor Artsen zonder Grenzen, situeerde zijn roman midden in de wedloop om de atoombom en belicht een weinig bekend maar essentieel onderdeel van deze race: het verkrijgen van uranium in Belgisch Congo. Een zoektocht die voor de twee hoofdpersonen leidt langs onder meer Washington, Berlijn en Lubumbashi. Een zeer originele, interessant historische invalshoek.

Gaëlle Nohant, L’homme sous l’orage, Iconoclaste 

Van deze nieuwe roman van Nohant wordt veel verwacht, na haar eerdere bestseller Le bureau d’éclaircissement des destins (2023, zie onze bespreking hier). Ook dit verhaal is gesitueerd in het verleden, maar dan tijdens de Eerste Wereldoorlog. De jonge Rosalie moet Parijs verlaten en neemt haar intrek in het familiekasteel, dat gerund wordt door haar moeder nu haar broer en vader onder de wapenen zijn geroepen. Als zich dan ook nog een deserteur aan de kasteeldeur meldt, is er genoeg stof voor een spannende intrige. 

Pierre Péju, Échappées, Gallimard    

Deze roman is gebaseerd op de ervaringen van Péju’s eigen familie, die deel uitmaakte van het verzet in Lyon in 1942. (Zie ook onze bespreking van Valérie Portheret’s Vous n’aurez pas les enfants dat dezelfde geschiedenis in beeld brengt.) Als kind was hij al gefascineerd door de verhalen van zijn grootvader Élie en zijn moeder Aimée. Nu probeert hij de verzwegen gebeurtenissen uit dat tijdperk te achterhalen en op te schrijven. De ontdekking van een aantal koffers die nooit werden opgehaald, is voor hem een belangrijk aanknopingspunt.

Fabrice Pliskin, Le fou de Bourdieu, Cherche Midi

Een moordenaar ontdekt in de gevangenis het werk van de vooraanstaande Franse socioloog Pierre Bourdieu. Zodra hij weer op vrije voeten is, wordt het zijn missie de ideeën van Bourdieu concreet toe te passen. Deze zeer originele roman is een soort ‘Bourdieu voor beginners’. Was genomineerd voor de Prix Interallié.

Guillaume Poix, Perpétuité, Gallimard

Over het dagelijks leven van Pierre, Houda, Laurent et Maëva, cipiers met nachtdienst in een huis van bewaring in het zuiden van Frankrijk. Gevangen in een routine die elk moment uit de bocht kan vliegen, maken deze agenten een reeks onverwachte incidenten mee. Poix laat in zijn vierde roman zijn lezers kennismaken met een miskend en soms ook geminacht beroep, en onderzoekt de diepe crisis waaraan het gevangeniswezen in zijn land ten prooi is. Was genomineerd voor de Prix Goncourt.

Maria Pourchet, Tressaillir, Stock 

Een vrouw verlaat haar partner. Ze dacht een nieuwe vrijheid te verwerven maar eenmaal alleen in een hotelkamer breekt de situatie haar op. En als zij dat niet kan, een relatie verbreken, en als weer teruggaan de enige oplossing zou zijn? Want zonder een man aan haar zijde is zij bang. Waarvoor? Pourchet zoekt haar antwoord in de kindertijd en neemt ons mee naar de bossen in Noordoost-Frankrijk, terug naar individuele en maatschappelijke drama’s.   Was genomineerd voor de Prix Goncourt en de Prix Interallié. 

Historische romans

Léa Simone Allegria, Douce menace, Albin Michel

De van oorsprong Italiaanse Léa Simone Allegria schreef een kunstmysterie en liefdesverhaal ineen, gesitueerd in het Rome van de Renaissance en het Rome van nu. Alles draait om een schilderij, De zieke Bacchus (ca. 1594), een zelfportret dat mogelijk van Caravaggio is en misschien ook niet. Caravaggio signeerde zijn werken niet…

David Diop, Où s’adosse le ciel, Julliard

Historische roman waar veel van verwacht wordt, met een eerste oplage van 70.000 exemplaren. Aan het einde van de elfde eeuw maakt hoofdpersoon Bilal Seck een pelgrimstocht naar Mekka om daarna weer terug te keren naar Senegal, waar hij een choleraepidemie overleeft. Diop sluit zich aan bij de lange verteltraditie van zijn volk, waarin een lange mythe in zangvorm wordt opgezegd, in een lange lijn van voorouders, de beroemde ‘griots’. Stond op de longlist van de Prix Goncourt. 

Hella Feki, Une reine sans royaume, Lattès

In haar tweede roman kiest Feki voor een historisch personage, de laatste koningin van Madagascar, Ranavalona III. Vanwege haar ballingschap koerst zij door heel Afrika en belandt zo ook in Tunesië. Voer voor bespiegelingen over haar jeugd, afkomst, de liefdes van haar leven. Een fresco rondom een vergeten koningin, gesitueerd in 1907.

Akira Mizubayashi, La forêt de flammes et d’ombres, Gallimard

Deze Japanse maestro levert opnieuw een indrukwekkend epos af, dat zich afspeelt in Japan en het lang betwiste Mantsjoerije. Drie kunstenaars moeten hun leven na de oorlog zien te hervinden.

Dystopische romans

Mathieu Belezi, Cantique du chaos, Laffont 

In 2022 ontving Belezi de Prix littéraire Le Monde voor Attaquer la terre et le soleil (vertaling Eva Wissenburg), over het kolonialisme en de gevolgen daarvan in Algerije. Zie onze bespreking hier. Een van de personages van die roman, Théo, vlucht nu met zijn vrouw en kinderen naar Zuid-Amerika. Een zondvloed heeft grote delen van de aarde vernietigd. Onder de ironische blik van de apen proberen mensen daar in een surrealistische jungle te overleven. Een roman waarvan de eerste versie in 2019 al klaar was maar waar de uitgevers toen geen brood in zagen. Nu, zes jaar en ontelbare overstromingen en bosbranden verder, liggen de zaken kennelijk anders. Het hele oeuvre van Belezi (vanaf 1998) wordt nu herdrukt.  

Franck Bessière, Le mariage du loup, Tana Editions

In een niet al te verre toekomst raakt de Franse maatschappij beheerst door het ‘transpécisme’, waarin de identiteit van de mens wordt bepaald door de levensstijl van een dier. Voor Simon, werkzaam op het ministerie van buitenlandse zaken, is het een onthutsende ervaring om zijn dierlijke alter ego te ontdekken. Vandaar de titel Het huwelijk van de wolf.

Nathan Devers, Surchauffe, Albin Michel

De jonge Jade zoekt haar weg uit een oververhitte westerse wereld. Er is een verboden plek op de wereld, het beroemde Sentineleiland dat hermetisch afgesloten is en waar de bevolking ieder contact met de buitenwereld afwijst. Zou het een paradijs voor haar kunnen zijn, het tegenovergestelde van de wereld die ze wil ontvluchten? Was lang genomineerd voor de Prix Interallié. 

Laurent Gaudé, Zem, Actes Sud 

Met Zem, het vervolg op zijn dystopische toekomstroman Chien 51 (2022), houdt Gaudé onze rampzalige consumptiemaatschappij een spiegel voor, maar koestert hij ook het idee van verzet als ontsnappingsmogelijkheid. De verfilming van Chien 51 wordt uitgebracht in oktober en zal ongetwijfeld bijdragen aan het succes van deze met deze veel vaart geschreven,  futurististische misdaadroman. 

Grégory le Floch, Peau d’ourse, Seuil

Een surrealistische roman over een jonge lesbiënne die zich binnen de huidige maatschappij niet meer veilig voelt. Als ze zich terugtrekt in de bergen, verandert ze langzamerhand in een beer. Was genomineerd voor de Prix Méduse.

Céline Minard, Tovaangar, Rivages

Na twee toekomstromans met postapocalyptische thema’s, Dernier monde (2007) en Plasmas 2021, schetst Minard nu, in een tijd van klimaatcatastrofes, maatschappelijke crises en angst voor technologische ontwikkelingen, in een weids, mythisch panorama de toekomst van de wereld. Een groep mensen overleeft in de buurt van de verdwenen stad Los Angeles, in een community die Hidden wordt genoemd. In de woestijn, in de canyons, de bossen en het water ontdekken ze niet alleen een weelderige flora en fauna maar ook bevolkingsgroepen die al sinds mensenheugenis een band met deze natuur hebben opgebouwd. Deze indrukwekkende roman is een filosofisch en tegelijkertijd ecologisch sprookje over een wereld die zichzelf opnieuw uitvindt. Was genomineerd voor de Prix Médicis. 

Interessante debuten

Steve Aganze, Bahari-Bora, Récamier

Aganze, die al eerder hoge ogen gooide bij diverse schrijfwedstrijden in Afrika (‘Les Voix d’Afrique’), situeert zijn debuutroman in de Democratische Republiek Congo, zijn geboorteland. Hoofdpersoon is de jonge Bahari-Bora, die is opgevoed door rebellen, weet te ontsnappen en nu zwanger blijkt. Het is vooral een hommage aan de vrouw, die van vroeger en van nu. Aganze omschrijft zijn land als een ‘modern Golgotha’. 

Jakuta Alikavazovic, Au grand jamais, Gallimard

Alikavazovic schreef een familieroman waarin de vrouwen de grootste rol spelen, naast de stiltes die in het gezin zo overheersen. Haar vijfde roman, zeer lovend besproken in de Franse literaire pers, wordt omschreven als ‘autobiografische fictie’, met meer verbeelding en reflectie dan harde feiten. Zij herschept het leven van haar moeder, een Bosnische dichteres, die eigenlijk twee keer overleed, toen ze haar dichterschap achter zich liet en toen ze stierf. Deze originele roman wordt wel gezien als de literaire doorbraak van Alikavazovic.

Julie Brafman, Yann dans la nuit, Flammarion

Voor haar debuutroman dook Brafman, tevens journaliste, in het leven van Yann Andréa die zich op jonge leeftijd bij schrijfster Marguérite Duras voegde en haar partner werd maar tegelijkertijd uit de openbaarheid verdween. Brafman ging zijn sporen na en vond aantekeningen, foto’s en dagboeken en onttrekt Andréa zo aan de vergetelheid. Was genomineerd voor de Prix Méduse.

Thibault Daelman, L’entroubli, Tripode

Daelman, die schrijfcursussen geeft aan onder meer de Sorbonne, waagt zich nu aan zijn eerste roman, die in de Franse pers al lovend is ontvangen. In een volkswijk in Parijs probeert een moeder, zo goed en kwaad als het maar gaat, voor haar vijf zonen te zorgen. Een van hen voelt de roeping hun bestaan op te schrijven.

Marius Degardin, Les mandragores, Les Éditions du Panseur

Debuut van een student geschiedenis waarvan veel wordt verwacht. Als tiener begon Degardin al aan dit manuscript, dat door zijn uitgever met veel geduld is begeleid. In Parijs, in de jaren tachtig, houden vier Italiaanse wezen zich staande, totdat na tien jaar afwezigheid hun moeder haar terugkeer aankondigt. Een familieroman en een initiatieroman ineen.

Agnès Gruda, Ça finit quand, toujours?, Boréal

Met een carrière als journaliste en oorlogscorrespondente van meer dan veertig jaar, waagt de Pools-Canadese Gruda zich nu aan haar eerste roman. Haar roman omspant vijf generaties, vanaf de geboorte in de jaren vijftig van twee kinderen tot de hele familie zich verspreidt over de wereld, en desondanks onderling zeer verbonden blijft.

Solenn Honorine, La route de Wakale, Archipel

Eerste roman van Honorine, die als correspondent en medewerker van Artsen Zonder Grenzen over de gehele wereld werkzaam was. Haar debuut speelt zich af in Rwanda, waar de jonge waterbouwkundige Alix wordt uitgezonden. Ze maakt van binnenuit mee wat een ‘humanitaire missie’ werkelijk inhoudt. Door de uitgever een ‘hyperrealistische actieroman’ genoemd.

Benny Malapa, Un nègre qui parle yiddish, Favre

De afkomst van debutant Malapa is zeer bijzonder en divers te noemen, met een Kameroenese vader en een Pools-joodse moeder. Malapa nam hun geschiedenis, die via de Tweede Wereldoorlog in Parijs voerde, als uitgangspunt voor zijn roman.

Hala Moughanie, Les bestioles, Elyzad 

Roman gesitueerd in Beiroet, Libanon, over de nasleep van de explosie in de haven in 2020. De verteller spreekt, in een soort fantasie, over zijn ervaring, en de ‘beesten’ die in de ‘vliegtuigen’ kropen die overvlogen. 

Nicole M. Ortega, Même le froid tremble, Anne Carrière

Na het recente Rire avec le diable (2024) van Bruno Patino, richt ook deze roman zich op de geschiedenis van Chili, en op de overweldigende natuur van het uitgestrekte land. De Chileens-Franse Ortega, ook actrice en dichteres, beschrijft in haar eerste roman een road trip die drie jonge vrouwen ondernemen. Een tocht van 1600 kilometer die niet zonder gevaren is en waarin ook de ‘geesten van de slachtoffers van Pinochet’ rondspoken.

Nadira Nait Ouyahia, Kaïssa. À la recherche du père perdu, Orients 

Interessante debuutroman, die speelt in het eeuwenoude Kabylië, waar een meisje van twaalf op zoek gaat naar haar verdwenen vader.

Nassera Tamer, Allô la place, Verdier

In deze debuutroman gaat de verteller op zoek naar het originele Marokkaans-Arabisch, het darija, een mengeling van Arabisch, Shleuh (een berbertaal), Spaans en Frans. Niet simpel als je zelf in Frankrijk woont. Ze luistert zoveel mogelijk gesprekken af in het openbaar en vraagt raad bij haar familie. Op zoek naar een fantoomtaal.

Uitgeverswereld

Arno Calleja, Le mal appliqué, Vanloo 

Meervoudig auteur en filosoof Calleja beschrijft in deze roman een man die in zijn auto moet leven en gebruik moet maken van een oude Nokia waarvan 5 letters ontbreken. Desondanks neemt hij zich voor om een boek te schrijven en noteert alles wat er om hem heen gebeurt, inclusief de gesprekken met zijn psycholoog.

Didier van Cauwelaert, L’Impasse des rêves, Albin Michel

Meervoudig bekroond schrijver Didier van Cauwelaert schrijft over de verwikkelingen die ontstaan als de uitgeverij twee manuscripten door elkaar haalt, een van een zekere D. van Cauwelaert en de andere van een mysterieuze schrijfster, Anaïs. 

Hélène Frédérick, Lézardes, Verticales

Frédérick levert het meervoudig portret van een vaak vergeten beroepsgroep, die van de correctoren en persklaarmakers, waarvan de meerwaarde vaak wordt onderschat. Frédérick beschrijft hoe deze krachten steeds de afweging moeten maken tussen enerzijds bijzondere teksten en anderzijds correct Frans. Ze maakt hun werk op interessante wijze inzichtelijk.

Lola Gruber, Elisabeth Lima, Bourgois

Lola Gruber schreef een vermakelijke roman over een uitgever en een schrijver, die na de zoveelste teleurstelling in het Parijse prijzencircus, besluiten om in samenwerking met een vertaalster een echte bestseller te schrijven, onder een pseudoniem. Een literair avontuur ‘tussen zes handen’ dat voor alle drie niet zonder gevolgen blijft.

Alexandre Postel, Tout ouïe, Observatoire

Een uitgeefster worstelt met het verwarrende manuscript van een onbekende auteur dat ze in handen heeft. De hoofdpersoon in dat boek is gefascineerd door de geluiden die vrouwen tijdens erotische belevenissen voortbrengen. De uitgeefster, nieuwsgierig geworden, raakt ook in de ban van dit fenomeen. Speelse en boeiende verkenning van de mythen en fantasieën die de verbeelding bevolken. Tout ouïe herinnert eraan dat lezen een uitnodiging is om jezelf te ontdekken door naar de ander te luisteren.een verdeling van de grond 

Israël-Gaza 

Christian Grataloup et Vincent Lemire, Atlas historique du Moyen-Orient, Les Arènes 

De geografen Grataloup en Lemire beschrijven de complexiteit en rijkdom van het Midden-Oosten, waar beschavingen, monotheistische godsdiensten en grote rijken zijn geboren. Een gebied dat een middelpunt van geopolitieke conflicten is maar ook een uitzonderlijke culturele en wetenschappelijke vitaliteit kent. Zeer informatief als achtergrondinformatie bij de huidige oorlogen. 

Hakim El Karoui, Israël-Palestine, une idée de paix, L’Observatoire 

Geograaf Hakim El Karoui analyseert een tiental oplossingen voor territoriale conflicten in de wereld – van ex-Joegoslavie tot Oost-Timor, van Cyprus tot Kosovo, van Noord-Ierland tot Colombia – en stelt op grond van zijn bevindingen een nieuwe benadering voor : geen souvereiniteit van een grondgebied maar van een volk.  

Omar Alsoumi, Enfant de Palestine – Année zéro, Les Liens qui libèrent

Politisering van het geloof leidt zowel bij Joden als bij Islamieten tot een legitimatie en verheerlijking van het gebruik van geweld in de naam van God. Reconstructie van deze geschiedenis. 

Laetitia Bucaille, Gaza, quel avenir ?, Stock

Twee jaar na de aanval van Hamas op 7 oktober 2023 zoekt Bucaille naar wegen om de oorlog te beëindigen. Als de internationale gemeenschap erin slaagt om de Israëlische strategie van totale vernietiging en de terreur van Hamas een halt toe te roepen, hoe zou de Palestijnse onafhankelijkheid er dan uit kunnen zien? 

Vrouwenlichaam en vrouwenrechten

Nathacha Appanah, La nuit au coeur, Gallimard.

Geobsedeerd door het lot van haar nicht Emma die op Mauritius door haar man om het leven is gebracht, door de afschuwelijke moord op een moeder met drie kinderen in Bordeaux, en door haar eigen ervaringen met ‘terreur intime’, schetst Appanah het leven van drie vrouwen getekend door relatiegeweld. Wat in het Frans ‘féminicide’ wordt genoemd, is ook voor Nederland zeer actueel onderwerp. ‘Ces femmes qui courent, ces cœurs qui luttent’. Zie hier onze vorige Appanah-bespreking uit 2023. Won op 3 november de Prix Femina en op 13 november de Prix Renaudot des Lycéens. 

Séverine Cressan, Nourrices, Dalva

Cressan koos voor een bijzonder onderwerp voor haar debuutroman, de vergeten industrie van de ‘nourrices’, de voedsters die andermans kinderen zoogden, en zo een heel dorp onderhielden.

Hélène Laurain, Tambora, Verdier

Laurain beschrijft op ingrijpende wijze hoe een vrouw haar zwangerschappen, bevallingen (en een miskraam) beleeft. Zeer fysiek verslag van wat een vrouwenlichaam moet ondergaan. Daarnaast beschrijft ze hoe het is om een kind op de wereld te zetten in een wereld van klimaatcrises, geweldsconflicten en economische en maatschappelijke tegenslagen. De titel refereert aan de uitbarsting van de Indonesische vulkaan Tambora in 1815, toen een groot deel van de wereld in duisternis werd gehuld. In wat voor wereld leven wij nu? Laurain beschrijft het in zeer direct en precies proza.

Essays

Astrid von Busekist, L’ère des impostures, Albin Michel

Van deze hoogleraar politieke theorie een interessant essay over identiteit in onze moderne wereld. Kun je veranderen van sociale klasse, geloof, uiterlijk, afkomst en geslacht? In deze tijden moet eigenlijk alles mogen en kunnen. Maar Von Busekist wijst erop dat ook binnen onze huidige samenleving vaak genoeg weer scheidslijnen worden getrokken. En ze wijst op het gevaar van internetfraude en gestolen identiteiten. Wie is wie in deze moderne tijd? Vandaar de titel Een Tijdperk vol Schijnvertoningen

David Dufresne, Remember Fessenheim. Enquête intime sur Françoise d’Eaubonne, pionnière écoféministe et impossible grand-mère, Grasset

Dufresne is journalist, schrijver en documentairemaker. Als linkse activist staat hij bekend om zijn stellingnames tegen politiegeweld en autoritaire ordehandhaving. Zijn ergernis over een geromantiseerde biografie van zijn ‘onmogelijke’ grootmoeder deed hem besluiten zelf over haar te gaan schrijven. Deze grootmoeder, Françoise D’Eaubonne was lid van de MLF (Mouvement de la Libération des femmes), en lanceerde begrippen als ‘fallocratie’ en ‘ecofeminisme’. Het Meadows rapport had haar ervan overtuigd dat de wereld haar ondergang tegemoet ging door overbevolking en de verwoesting van het milieu. En dat zij alleen gered kon worden als vrouwen alle machtsstructuren zouden kunnen vernietigen: alle macht aan de vrouwen was ook geen oplossing. Haar betrokkenheid bij de aanslag op de nucleaire centrale van Fessenheim in 1974, aanslag opgeëist door Ulrike Meinhof (Rote Armee Fraktion), was tot dit boek een goed bewaard geheim. Was genomineerd voor de Prix Décembre. 

Bruno Cabanes, Les fantômes de l’île de Peleliu : récit, Seuil 

Op Peleliu, eilandje in Micronesië, vond in de herfst van 1944 een van de verschrikkelijkste veldslagen tussen Japan en de Verenigde Staten plaats, waarbij vele duizenden sneuvelden. De Japanners hadden zich verschanst in versterkte grotten, waarin na afloop van de strijd de laatst overgeblevenen door de Amerikanen levend begraven werden. Cabanes, hoogleraar geschiedenis in Ohio en eigenlijk specialist op het gebied van de Eerste Wereldoorlog, bezocht het eiland een aantal keren, en trad daarbij in de voetstappen van een veteraan, Eugene Sledge, schrijver van een aangrijpend getuigenverslag, With the Old Breed. Zijn tekst is een mengeling van geschiedschrijving, getuigenissen, archiefmateriaal en zijn eigen reisverhaal. Met ook veel oog voor de ecologische rijkdom van dit voormalige slagveld. 

Christophe Darmangeat, Casus belli. La guerre avant l’état, La Découverte 

Men beweert vaak dat de echte oorlogsvoering stamt uit het bronzen tijdperk omdat er toen voor het eerst beroepsstrijders en tegen mensen gerichte wapens waren. Er is ook een richting die de oorsprong van oorlogshandelingen veel vroeger situeert. De aanhangers van die gedachte verbinden oorlogszuchtige neigingen met observaties van andere primaten, met name van chimpansees. Maar wat deze twee richtingen met elkaar verbindt is dat zij beide oorlog verbinden met de strijd om middelen van bestaan. Dit idee maar ook het koppelen van ieder dodelijk collectief conflict aan de moderne interstatelijke oorlogsvoering betwist Demangeat, op basis van talrijke historische en etnografische gegevens, onder meer over jager-verzamelaars samenlevingen waarin geen sprake was van ongelijke verdeling van bezit. Die conflicten gingen over een rechtsregeling, om wraak of het bezit van lichaamsonderdelen (schedels, tanden, scalpen), die noodzakelijk werden geacht om zelf in leven te kunnen blijven. 

Laurent Joly, Vichy – Histoire d’une dictature 1940-1944, Tallendier

Sinds de Amerikaan Robert Paxton met zijn Vichy-France (1973) de misdadige collaboratie van de regering van Philippe Pétain met nazi-Duitsland aan de kaak stelde, is dit een steeds terugkerend onderwerp in de Franse geschiedschrijving. Laurent Joly, historicus en onderzoeksdirecteur bij de CNRS, heeft nu, na publicatie van een aantal studies over dit onderwerp (zie ook onze bespreking voorjaar 2025), samen met een aantal specialisten een synthese geschreven met daarin gegevens van nog niet eerder geëxploreerde archieven, verhalen van de laatste getuigen, en nieuwe inzichten. De zwarte Vichy-periode beïnvloedt nog steeds de politieke verhoudingen in Frankrijk en heeft bijvoorbeeld tot nu toe een alliantie tussen rechts en extreemrechts in de weg gestaan. De vraag is wel voor hoe lang, nu eindelijk ook het Rassemblement National, de partij van Marine Le Pen, de misdaden van Vichy en het antisemitisme heeft veroordeeld.

Nathalie Heinich, Penser contre son camp, Gallimard

Homo-huwelijk, féminisme, islamisme, censuur, wokisme, radicaal links : het zijn onderwerpen die de Franse intellectuelen al ruim twintig jaar bezighouden, in het bijzonder politiek links dat steeds meer versnipperd raakt en geschokt is door de keuzes van extreem links (Mélenchon) en de breuk met historische waarden als bescherming van de zwaksten, universalisme, laïcité, rationaliteit, vrijheid van meningsuiting. In dit essay reflecteert de auteur, sociologe uit de school van Bourdieu, op haar stellingnames, die de afgelopen twintig jaar ook door een gedeelte van haar linkse geloofsgenoten bekritiseerd werden, en die getuigen van veranderingen die ver boven persoonlijke meningen uitstijgen. ‘Niet denken zoals wij’, schrijft zij, is vaak de voorwaarde om trouw te blijven aan de beginselen van een politieke familie. 

Jean Rouaud, Trois tableaux de Jean Rouaud, Gallimard

Jean Rouaud schreef na zijn succesvolle familie-tetralogie vooral veel essayistisch werk. In dit nieuwe essay gebruikt hij drie kunstwerken als uitgangspunt. Een schilderij van Rimbaud op zijn ziekbed (in museum van zijn geboorteplaats Charleville-Mézière) waarvan de maker onbekend is. Dan een tweede schilderij van drie muzikanten die door een besneeuwd landschap lopen en waarbij de fantasierijke Rouaud niet alleen Bob Dylan, maar ook Rameau en de viool van zijn grootvader betrekt. Ten slotte een film Le mal n’existe pas, die onder het mom van een ecologische fabel leidt tot de vraag over de houdbaarheid van de bioscoopfilm. Zie hier ook onze uitgebreide Rouaud-bespreking uit 2023.

Jacques Roubaud, Poétique-Etudes, Éditions Nous

Van de in december 2024 overleden veelzijdige Jacques Roubaud, dichter, prozaschrijver en wiskundige, een verzameling van 35 essays die hij in de loop van vijftig jaar schrijverschap publiceerde. Over de ontwikkeling van dicht- en verhaalvormen, het verband tussen poëzie en wiskunde, troubadours-poëzie en Japanse poëzie, over vertalen, over lezen, over de Oulipo waarvan hij lid was, over het geheugen en de kunst van het herinneren. Resultaat is een fascinerend overzicht van de wordingsgeschiedenis van zijn poëtica. 

Annelies Schulte Nordholt & Manet van Montfrans (red.), Perec et ses Lieux. Modes d’emploi pour un projet inachevé, Cahiers Georges Perec no 16, Les Venterniers

Veertien essays over Perecs onvoltooide project Lieux (Seuil), dat in 2022 alsnog op papier en online is uitgegeven. Zie hier de bespreking in onze Boekengids van deze uitgave.

Marina Touilliez, Parias, Hannah Arendt et la “tribu” en France (1933-1941), Librairie des femmes

Op de vlucht voor de Gestapo komt Hannah Arendt in oktober 1933 in Parijs aan. Zij is 27 jaar oud, had in Duitsland een schitterende universitaire loopbaan in het vooruitzicht, maar moet het doen met armoedige pensionkamertjes in het Quartier Latin en Montparnasse. Daar komt ze haar toekomstige echtgenoot tegen, Heinrich Blücher, en voegt ze zich bij de kring rond Walter Benjamin : Erich Cohn Bendit, Adrienne Monnier, Fritz Fränkel en Arthur Koestler. Als de oorlogsdreiging toeneemt, interneert de Franse overheid de ‘ongewenste buitenlanders’, Arendt brengt zes weken door in het concentratiekamp Gurs. Bij de inval van de Duitsers profiteert ze van de chaos om te vluchten. Een zorgvuldige reconstructie met behulp van archieven en onuitgegeven getuigenissen van de Franse jaren van Arendt.