Advertentie
BOOM – Banner DNBG 2026 #1 – px

Trump en de verleiding van de oorlog 

Wat beweegt een staat tot oorlog, en wat zegt dat over de mensen die haar leiden? Achter de recente Amerikaanse militaire inval in Venezuela, de dreiging richting Groenland en Europa, en de jacht op ‘binnenlandse vijanden’ gaat mogelijk meer schuil dan strategische berekening alleen. Desirée Verweij en Karen Vintges lezen de oorlogsroes van Trump in het licht van Freud en vooral Klaus Theweleits analyse van de ‘soldaat-man’, als sleutel tot het begrijpen van een nieuwe, zorgwekkende vorm van militarisering.

Besproken boeken

Wat is de werkelijke bedoeling van de recente militaire acties van de Verenigde Staten in het Caribisch gebied, waaronder de ontvoering van president Maduro in Venezuela? Volgens veel commentatoren is het onduidelijk wat Trump en de zijnen beweegt. Gaat het om olie, om de bestrijding van drugs, om het garanderen van Westerse invloed?  Blijft het bij de vervanging van Maduro, of stuurt Trump daadwerkelijk aan op een oorlog? In hun briefwisseling uit 1932 over de vraag Waarom oorlog? (Warum Krieg?) bespreken Einstein en Freud de aangeboren menselijke neiging tot geweld en vernietiging, en de noodzaak van een krachtig internationaal instituut voor conflictbeslechting als tegenwicht. Freud had al enkele jaren eerder, in zijn essay Het onbehagen in de cultuur, uiteengezet dat de mens wordt gekenmerkt door een inherente agressie- en zelfvernietigingsdrift, die zich voortdurend verzet tegen het keurslijf van de cultuur. Hij besloot dat essay met de indringende vraag of de mensheid uiteindelijk haar eigen vernietigingsdrift zou kunnen overleven. Is ook het Trumpregime  in de greep van deze drift?

Mannenfantasieën

Meer dan Freuds algemene benadering kan de analyse van de socioloog Klaus Theweleit in zijn onvolprezen boek Männerfantasien (1971) nog een verhelderend licht werpen op de hedendaagse Amerikaanse (geo)politiek. Om deze benadering toe te lichten staan we eerst stil bij een opmerkelijke bijeenkomst die op 30 september 2025 plaatsvond op de marinebasis Quantico (Virginia), een gebeurtenis die meer aandacht verdient dan zij tot nu toe kreeg in de pers. Honderden hoge militairen waren opgeroepen om persoonlijk te verschijnen, zonder vooraf te weten wat het doel van deze samenkomst was. Zij kregen twee toespraken van elk ongeveer een uur te horen, uitgesproken door president Donald Trump en zijn Secretary of War, Pete Hegseth. In de media werd vooral benadrukt dat beiden opriepen korte metten te maken met ‘woke’-invloeden binnen het leger. Maar een nadere analyse van beide toespraken laat zien dat de bijeenkomst een verdergaand doel diende. Hegseth legde in zijn speech sterk de nadruk op de noodzaak van een cultuuromslag: nodig is het herstel van een warrior ethos, zonder zwakte en met fysiek topfitte militairen. Hetzelfde horen we bij Trump: Together we’re reawakening the warrior spirit, en daarbij gaat het ook volgens hem om een nieuwe focus op fitheid en kracht. Volgens Hegseth moeten er weer competente en agressieve leiders komen, en is er alleen plaats in het leger voor echte warriors die voldoen aan strikte eisen rondom lengte, gewicht en uiterlijk. Terloops vermeldt hij dat vrouwen ook welkom zijn maar zijn focus ligt op de male level physical standards waar de krachtige warrior aan voldoet. En we zullen er op toezien – aldus Hegseth – dat dit type warrior vanaf nu wordt ‘gesmeed’. 

Nu is er natuurlijk niets mis met standaarden, en fitheid is uiteraard relevant voor militairen — iets waaraan veel vrouwen ruimschoots voldoen. Maar in moderne oorlogsvoering — waarin informatie- en communicatietechnologie centraal staan —speelt niet alleen spierkracht een rol. De hybride oorlogsvoering waar iedere krijgsmacht zich momenteel op voorbereidt is technologisch en sociaal complex en combineert conventionele strijd met economische druk, cyberaanvallen en beïnvloeding via sociale media. Denk aan drone-operators in Nevada die op duizenden kilometers afstand opereren, zonder krijgsglorie of heroïek maar in een negen tot vijf werkrealiteit. Dat beeld strookt allerminst met het traditionele krijgersideaal, en dat weten Hegseth en Trump maar al te goed. 

Trump zet zich in zijn speech met name af tegen zogenaamde binnenlandse vijanden. Dit zijn de vijfentwintig miljoen immigranten die recent het land zijn binnengestroomd, voornamelijk bestaande uit de ‘worst people, from prisons and jail’.

Wat beiden werkelijk voor ogen hebben met hun nadruk op mannelijke fysieke kracht wordt duidelijk wanneer we ten eerste bezien wie en wat door hen in contrast met de warrior spirit als verwerpelijk wordt beschouwd. Afzetpunt voor Hegseth blijkt alle woke garbage rondom klimaat en diversiteit. Vooral gaat het hem om alle ‘gender delusions. They had to put out dizzying DEI and LGBTQI+ statements. They were told females and males are the same thing or that males who think they’re females [are] totally normal. Abject zijn ‘weak men, dudes in dresses’ en men who think they’re females’. Trump zet zich in zijn speech met name af tegen zogenaamde binnenlandse vijanden. Dit zijn de vijfentwintig miljoen immigranten die recent het land zijn binnengestroomd, voornamelijk bestaande uit de ‘worst people, from prisons and jail’.‘De radicaal linkse Democraten’ hebben daarmee Francisco, Chicago, New York en Los Angeles, tot onveilige plaatsen gemaakt, steden die we kunnen gebruiken als ‘training grounds for our military. And we’re going to straighten them out one by one. . . That’s a war, too. It’s a war from within… This is going to be a big thing for the people in this room because it’s the enemy from within. Afzetpunt zijn voor beide sprekers vooral zwakke, vrouwelijke mannen, en de immigranten die Amerika van binnenuit bedreigen. 

Ten tweede springt in het oog dat beiden voortdurend spreken in termen van oorlog. Zoals bekend werd het Amerikaanse Ministerie van Defensie door Trump en Hegseth omgedoopt tot Ministerie van Oorlog. Hegseth benadrukt in zijn speech: ‘the only mission of the newly restored Department of War is this: war fighting, preparing for war and preparing to win. Bij Trump horen we: ‘We want war because we want to have no wars. But you have to be there. And you know, sometimes you have to do it. Hegseth spreekt non-stop over warriors en war en over ‘killing’, en Trump houdt zijn gehoor de noodzaak voor van een ‘war from within tegen the enemy from within’. 

Soldaat-man

Het gepantserde lichaam van de soldaat-man, geconstrueerd via geweld en strikte zelfdiscipline, moest hem beschermen tegen de chaotische krachten die hem van buiten en van binnen bedreigden. Centraal afzetpunt is daarbij het ‘vrouwelijke’.

Trump en vooral Hegseth profileren zichzelf in hun speeches als belichaming van een nieuw type soldaat-man dat zij tegelijk als ideaal voor het leger presenteren. De term soldaat-man (in het Duits: Der soldatische Mann) ontlenen we aan het genoemde werk Männerfantasieen van Theweleit. In deze studie analyseerde hij brieven en dagboeken van leden van de zogenaamde ‘Freikorpsen’, vrijwillige legers die na de eerste wereldoorlog actief waren in de Weimarrepubliek en aan de basis stonden van Hitlers SA (Sturmabteilung). Volgens Theweleit waren deze mannen, gekrenkt als zij waren door de politieke en maatschappelijke catastrofe van de Eerste Wereldoorlog, en teruggekeerd naar een samenleving waarin traditionele genderrollen snel aan het verschuiven waren, niet in staat een stabiel ego op te bouwen. Theweleit beschrijft hoe dit type ‘protofascistische’ soldaat-mannen zichzelf probeerden te construeren als harde, emotieloze krijgers, strijdend voor de handhaving en expansie van het eigen volk. Het gepantserde lichaam van de soldaat-man, geconstrueerd via geweld en strikte zelfdiscipline, moest hem beschermen tegen de chaotische krachten die hem van buiten en van binnen bedreigden. Centraal afzetpunt is daarbij het ‘vrouwelijke’, dat niet alleen vrouwen zelf omvat en de ‘zachte’ krachten van emotionaliteit, kwetsbaarheid en seksuele openheid, maar dat ook staat voor al het andere dat door de soldaat-man als oncontroleerbaar en gevaarlijk wordt gezien. En daaronder vallen ook ‘raciale andersheid’, linkse bewegingen, ‘gedegenereerden’ en al wat afdoet aan de mythe van een zuiver nationaal lichaam. Soldaat-mannen gedijen bij omstandigheden die op oorlog lijken: discipline, hiërarchie en de dreiging van geweld zijn nodig om het fragiele ego te beschermen. Een daadwerkelijke oorlog kan dit bieden, maar ook geritualiseerde wreedheid, gehoorzaamheid, uniformen en geweld dienen om het fragiele zelf te stabiliseren.  

Rigide genderrollen

Theweleits analyse van de soldaat-man is in bredere zin toepasbaar, want in veel contexten aanwijsbaar. Zijn analyse is ook bruikbaar om te verduidelijken wat de eigenlijke bedoeling was van de 30 september bijeenkomst voor de Amerikaanse legertop. Beide sprekers, Trump en Hegseth, zetten zich af tegen zwakheid, ‘raciale andersheid’ en seksuele non-conformiteit op een manier die doet denken aan het beeld dat Theweleit schetste van een fragiele mannelijkheid, die zich moet pantseren tegen emoties, kwetsbaarheid en alles wat als vreemd wordt ervaren. Beider speeches zijn een poging tot ideologische herinrichting van het Amerikaanse leger door middel van de aanroeping en installatie van het protofascistische type van de soldaat-man. Vooral om het leger in te schakelen tegen vermeende binnenlandse vijanden zal het moeten bestaan uit ‘gepantserde’ emotieloze strijders, die bereid zijn geweld te gebruiken tegen ongewenste elementen binnen de eigen bevolking. 

De wreedheid en het moorddadige optreden van de paramilitaire politie-eenheid ICE tijdens grootschalige immigratie-operaties vormen eveneens een echo van het soldaat‑man‑ideaal.

De verdienste van Theweleits analyse is dat hij laat zien hoe in de fascistische ideologie racisme en vaste en hiërarchische opvattingen over gender inherent met elkaar verweven zijn, iets wat vaak ontbreekt in studies over het fascisme, zoals in het recente werk van Laurence Rees, The Nazi Mind (2025), waarin racisme centraal staat. Volgens Theweleit was de fascistische ideologie juist geobsedeerd door rigide genderrollen. In dat licht is het bepaald niet geruststellend dat een van de eerste decreten van Trump zich richtte tegen transgenders, evenmin als zijn uitvaardiging van de executive order: it is the policy of the United States to recognize two sexes, male and female. These sexes are not changeable. En evenmin is geruststellend dat hoge zwarte militairen en vrouwen in militaire topposities momenteel in hoog tempo ontslagen worden of ontslag nemen in de VS. 

Ook maakt Theweleits analyse duidelijk hoe de soldaat-man oorlog of tenminste condities die daarop lijken nodig heeft. Het patroon van militarisering in het Caribisch gebied tegen ‘vijanden’ van buiten, en het inzetten van militairen in steden voor politietaken tegen ‘vijanden’ van binnen stemmen daarmee overeen. De wreedheid en het moorddadige optreden van de paramilitaire politie-eenheid ICE tijdens grootschalige immigratie-operaties vormen eveneens een echo van het soldaat‑man‑ideaal.

Gelukkig is dit type soldaat-man vooralsnog niet in de opperste regionen van het Nederlandse leger te vinden. De geluiden uit deze hoek zijn eerder genuanceerd van aard. Ook in andere Europese landen is dit vooralsnog het geval. Maar met het veranderen van politieke constellaties kan dit ook zo maar veranderen.