(Sp)etterende Letteren, een afscheid
Vaste columnist voor de Nederlandse Boekengids Daphne de Heer zoekt er de kracht voor: ieder nummer geeft ze haar kijk op kwesties in de wereld van de Nederlandse literatuur. In deze laatste aflevering maakt ze de balans op. Er gaan dingen goed in het boekenvak en de literaire wereld, maar nog steeds ziet ze een zwijg- en angstcultuur, die in stand wordt gehouden door een kleine groep relatief machtige mannen.
Op moment van schrijven staat Florian Myjer in het theater met de voorstelling The Actor, een solo over de kwetsbaarheid van acteurs. Hij speelt in dit stuk alle rollen zelf. Centraal staan de misbruikte acteur en de veelgeprezen regisseur, die als ‘enfant terrible van het Nederlandse theater’ bekendstaat en de acteur in kwestie als zijn muze beschouwt. Samen ontwikkelen ze een ongezonde dynamiek waarin de regisseur de grenzen telkens wat meer oprekt. Wat zo sterk is aan Myjers performance is dat hij het verhaal van ‘dader’ en ‘slachtoffer’ driedimensionaal maakt en de vele mensen die slachtoffer zijn geworden in een grensoverschrijdende situatie een stem geeft.
Een stuk als The Actor komt niet uit de lucht vallen: in de podiumkunsten zijn de afgelopen jaren veel onthullingen geweest over machtsmisbruik en (seksuele) intimidatie. Bij grote instellingen als ITA, Pakhuis de Zwijger, Museum de Fundatie en Theater Oostpool werden nare voorbeelden hiervan uitgebreid en gefundeerd aan de kaak gesteld.
Deze drie mannen zijn nog steeds actief in het letterenveld, zonder bewustzijn te tonen van het feit dat hun fysieke aanwezigheid op literaire bijeenkomsten voor sommige mensen, voornamelijk vrouwen, ronduit pijnlijk is.
In de letterensector heeft zich ook het een en ander afgespeeld: een ontslagen redacteur die vrouwelijke auteurs seksueel intimideerde, een criticus die ‘laakbaar gedrag’ vertoonde door informele contacten aan te leggen met vrouwelijke auteurs, en natuurlijk de onthullingen rondom het toxische leiderschap van Mai Spijkers.
Op deze drie officieel bekende signalementen van grensoverschrijdend gedrag – een criticus onthoudt zich te allen tijde van onnodig persoonlijk contact met auteurs, een redacteur valt zijn studenten en auteurs niet lastig, een uitgever pest en vernedert zijn personeel niet (voor wie het nog nodig heeft, hier even een leidraad die elke organisatie en onderneming zou moeten toepassen) – is nooit ook maar enige erkenning gekomen. Deze drie mannen zijn nog steeds actief in het letterenveld, zonder bewustzijn te tonen van het feit dat hun fysieke aanwezigheid op literaire bijeenkomsten voor sommige mensen, voornamelijk vrouwen, ronduit pijnlijk is. In alle eerlijkheid: ik heb me nooit prettig gevoeld op plekken waar de machtsdynamiek van het boekenvak voelbaar is (denk Boekenbal, boekpresentaties, uitgeversfeestjes etc.). De stress zit ’m voor mij in het grote geheel: de dynamiek van kleine, informele bedrijven en organisaties in een prestigegevoelige sector. Het aanbod begeerde banen is schaars, serieus geld verdien je sowieso niet in het boekenvak, dus is het vechten om de Bourdieupuntjes. Daarnaast werken er ook nog eens veel rechteloze, onderbetaalde zzp’ers in het boekenvak, waarmee alle onderdelen voor een kwetsbare omgeving aanwezig zijn.
Het boekenvak is een diffuse, informele omgeving die zichzelf graag als gezellig en klein omschrijft. Maar met name bij literaire uitgeverijen ervaar ik een sector waarin een zwijg- en angstcultuur in stand wordt gehouden door een kleine groep relatief machtige mensen.
Het boekenvak is een diffuse, informele omgeving die zichzelf graag als gezellig en klein omschrijft. Maar met name bij literaire uitgeverijen ervaar ik een sector waarin een zwijg- en angstcultuur in stand wordt gehouden door een kleine groep relatief machtige mensen die hardnekkig blijft vasthouden aan mores uit vervlogen tijden, waarin het feodale verdeel-en-heersmodel van veel uitgevers ten aanzien van hun auteurs nog altijd wordt toegepast. Er wordt gepest, er wordt gekleineerd, maar in het geniep en alleen tegen auteurs die hun titels nooit in de Bestseller 60 terugzien, of het raakt het nog lagere voetvolk – denk aan persklaarmakers en correctoren. Voor de succesnummers geldt het omgekeerde: die worden met rode lopers en alle denkbare egards door het voltallige personeel gepamperd en met aalgladde vleierijen op het blauwe M&M-erige af in de watten gelegd.
In mijn columns, dit is mijn laatste, heb ik geprobeerd een licht te schijnen op de ongezonde kanten van het literaire werkveld dat ik óók liefheb.
Het valt mij op dat de letterensector in vergelijking met andere culturele sectoren weinig doet aan bewustwording en waarborging van een sociaal veilige (werk-)omgeving. Waarom zijn er bij ons geen symposia Veiligheid in de literaire sector, zoals de Nederlandse Associatie voor Podiumkunsten die regelmatig organiseert?
In mijn columns, dit is mijn laatste, heb ik geprobeerd mijn licht te laten schijnen op de ongezonde kanten van een werkveld dat ik ook liefheb. Waarin ik op individueel niveau met de meeste mensen een leuke omgang heb. Maar ik zie ook dat er in die dertig jaar dat ik er rondloop nog steeds een cultuur heerst die beperkend en discriminerend uitpakt voor een grote groep mensen. Ik hoop dat dit met het verdwijnen van een oude generatie zal veranderen, en dat de aanwas van nieuwe stemmen een rijker literair landschap zal opleveren, en bovenal: dat we op een dag samen een werkveld creëren waarin iedereen zich welkom voelt.