Archiveren als verzet: verbeelding en vernietiging in Gaza
Voor het overleveren van cultuur en het herinneren van door oorlog vernietigende kunst bestaat een krachtig middel: kunst. Dat tonen de verhalen in het boek Archiving Gaza in the Present. Volgens kunsthistoricus Lieke Wijnia laten deze verhalen bovendien de veerkracht zien van de Gazaanse Palestijnen die zich verzetten tegen grootschalige vernietiging.
Besproken boeken
-
Dina Matar, Venetia Porter (red.) Archiving Gaza in the Present. Memory, Culture and Erasure (Saqi Books 2025), 288 blz.
‘Een rivier sterft van dorst’. Zo heet een prachtig gedicht van Mahmoud Darwish, opgenomen in de bundel Het vlindereffect (vert. Richard van Leeuwen, Uitgeverij Jurgen Maas, 2025). De gevierde Palestijnse dichter werd al tijdens zijn leven gezien als stem van een volk, schrijvend over gemis, geweld en een rijke geschiedenis. Het gedicht gaat over een rivier die ooit bestaan heeft, met twee oevers en een hemelse moeder die de rivier leven gaf. Maar ze hebben haar moeder ontvoerd,/ zodat ze door uitdroging werd getroffen/ en, kalm, is gestorven van dorst. Het gedicht verliest, mist, rouwt en herinnert de rivier met haar veelzijdige, ooit levendige en rijke karakter. Want die rivier, die is er nu niet meer; ze is gestorven van dorst.
Het beeld van de verdwenen, gestorven rivier resoneert als we denken aan de grootschalige vernietiging die afgelopen jaren in Gaza heeft plaatsgevonden. De vernietiging van cultureel erfgoed is een onlosmakelijk onderdeel van oorlogsvoering. Hoewel het kapotmaken van artistieke expressie en monumentale plaatsen officieel een oorlogsmisdaad is, kan er in de praktijk maar weinig tegen worden gedaan. In Gaza is de vernietiging van cultuur een doelbewust onderdeel van de oorlogsvoering door Israël. Museumcollecties kunnen soms op tijd worden geëvacueerd, maar gebouwen zijn maar moeilijk tegen bommen te beschermen.
Hoe kunnen latere generaties weten wat ze verloren zijn, zonder schrijvers, kunstenaars en dichters die het erfgoed bezingen?
Hoe kunnen latere generaties weten wat ze verloren zijn, zonder schrijvers, kunstenaars en dichters die het erfgoed bezingen? Zonder bibliotheken, musea en archieven waarin gesproken wordt over wat ooit bestaan heeft? Deze vragen geven de bundel Archiving Gaza in the Present: Memory, Culture, Erasure zijn bestaansrecht. Het boek wil documenteren, niet na afloop, maar ten tijde van de vernietiging. Om niet alleen vast te leggen wat er concreet verloren gaat, maar ook wat dit met mensen doet.
Een boek als getuigenis
In de hoofdstukken in Archiving Gaza in the Present, geschreven door kunstenaars, curatoren, academici en historici, wordt een cultuur die al decennialang, maar zeker sinds 7 oktober 2023, het doelwit van oorlogsvoering is, gevierd, herdacht, herinnerd en gedocumenteerd. Het in woord en beeld vastleggen en archiveren van die cultuur in dit boek is een daad van verzet tegen stelselmatige verwoesting, een serum tegen toekomstig vergeten.
Het in woord en beeld vastleggen en archiveren van de cultuur van Gaza is een daad van verzet tegen stelselmatige verwoesting, een serum tegen toekomstig vergeten.
De bundel vond zijn oorsprong tijdens een conferentie in Londen in 2024, waar academici, kunstenaars en erfgoedprofessionals bij elkaar kwamen om te spreken over het rijke en tegelijkertijd bedreigde erfgoed in Gaza. Na afloop voelden Dina Matar, hoogleraar aan School of Oriental and African Studies in Londen en oud-directeur van het Centre for Palestine Studies aldaar, en Venetia Porter, oud-curator islamitische en hedendaagse Midden-Oosterse kunst bij het British Museum, de urgentie om meer te doen. Ze wilden het niet bij die ene conferentie laten en besloten tot actieve documentatie, waarvan deze bundel het resultaat is.
Maar het boek is niet alleen bedoeld als naslagwerk, het boek functioneert ook als een vorm van getuigenis. De hoofdstukken zijn geen doorwrochte wetenschappelijke analyses, maar vooral getuigenissen. Van kunstenaars, curatoren, verzamelaars en onderzoekers, die met hart en ziel in Gaza hebben gewerkt. Ze hebben iets opgebouwd, maar hebben het ook vernietigd zien worden. Hun verhalen, over hoe ze werkten en wat ze maakten, worden doorgaans afgesloten met constateringen over wat kortgeleden nog was, maar nu niet meer is.
In het boek staan de nodige opsommingen, die steeds maar weer de vernietigde rijkdom benadrukken: theaters, boekwinkels, culturele centra, conservatoria, ziekenhuizen, universiteiten, scholen, bibliotheken, historische archieven, internetcafés, kunstgaleries, antieke soeks en hamams, recent gerestaureerde mozaïeken, romaanse stadsmuren, hellenistische huizen. Al dit – en meer – is verloren gegaan.
Shababeek Art Space
De omvang en betekenis van al die vernietigde cultuur krijgen een gezicht door mensen die het verlies ondergaan zelf aan het woord te laten. Hun verhalen gaan over het maken van kunst, het geven van kunstlessen, het cureren van tentoonstellingen, het verzamelen van antieke objecten, het verrichten van archeologisch onderzoek: de dagelijkse gang van zaken voor mensen die zich met cultuur bezighouden. Deze al te menselijke verhalen geven niet alleen de culturele praktijken, maar ook Gaza als plek, als cultuur een gezicht.
De omvang en betekenis van al die vernietigde cultuur krijgen een gezicht door mensen die het verlies ondergaan zelf aan het woord te laten. Hun verhalen gaan over het maken van kunst, het geven van kunstlessen, het cureren van tentoonstellingen, het verzamelen van antieke objecten, het verrichten van archeologisch onderzoek.
Een vaak genoemde naam is die van de Shababeek Art Space, opgericht in 2009 tijdens een bezetting die het publieke leven lamlegde en een behoefte aan creativiteit opwekte. De kunstruimte vertegenwoordigde Gaza op twee manieren: enerzijds werd ze een plek om uiting te geven aan de pijn van het dagelijks leven onder bezetting, anderzijds een plek waar schoonheid desondanks – of juist daardoor – tot uiting moest worden gebracht. Schoonheid werd een noodzaak, kunst een vorm van verzet. Het maakte Shababeek voor betrokkenen tot toonzaal van de spirit van Gaza.
Aan het woord komen niet alleen de oprichter van de kunstruimte, Shareef Sarhan, maar ook meerdere kunstenaars en curatoren die vertellen wat deze plek voor hen betekent. De veerkracht die uit deze verhalen spreekt, is bijna niet te bevatten. ‘At Shababeek, we say, “We are still alive and we love life.” Here in Gaza, dreams are surrounded by destruction, but hope is reborn, just as a flower grows between the cracks in the stones.’ De verhalen vertellen over de idealen achter de kunstruimte, wat kunstenaars maakten en met wie, waar ze financiering voor hun tentoonstellingen vandaan haalden, wie er hielpen met opbouwen en wie er kwamen kijken. Hevige emoties worden afgewisseld met ogenschijnlijk pietluttige details. Maar juist in die details (wie kwam er op de opening, hoe lang was de tentoonstelling te zien, welke recensent vond er iets van) schuilt hoe een cultuur functioneert en bestaat bij de gratie van menselijk handelen.
Vele stemmen
De onderwerpen die in het boek worden besproken zijn legio en tonen de rijkdom van kunst en cultuur in Gaza – en daarmee de omvang van de vernietiging. Vele initiatieven en stemmen komen voorbij. Soms schrijven kunstenaars of curatoren zelf, soms worden ze geïnterviewd of schrijft een onderzoeker het hoofdstuk. Uitgelicht onder andere het volgende.
De kunstopleiding aan de Al-Aqsa Universiteit, waar studenten in ernstig beperkte omstandigheden hun onderwijs kregen. Ze zetten deze beperkingen om tot onderwerp van hun werk en kwamen zo in verzet tegen hun culturele isolatie en de restricties die ze in hun dagelijks leven ervoeren.
De thobe die door een explosie acht maanden lang onbereikbaar op een dag bleef liggen is een stille getuige van het geweld tegen de bevolking van Gaza en tegelijkertijd een toonbeeld van de overlevingskracht van de Palestijnse cultuur.
Het kunstinitiatief HAWAF (‘randen’ of ‘marges’ in het Arabisch) richtte een virtueel museum op, het Sahab Museum. Een museum in de wolken, want ‘the cyberspace cloud – the gateway to the outside world – has proved to be the safest place to build this museum of the possible.’
Kunstenaars, zoals Malak Mattar. Hij vertelt over hoe hij eerst met een bijzonder kleurrijk schilderspalet werkte, maar nu alleen nog donkere en stemmige kleuren gebruikt, omdat hij daarmee beter zijn gemoed kan uiten. Of Shereen Abdelkareem Hasanin, die beschrijft hoe hij in zijn collages architectonische dromen bouwt, die niet alleen uit zijn verbeelding voortkomen, maar ook steeds meer een documentatiewaarde krijgen, omdat ze vernietigde gebouwen in herinnering brengen.
Het Gaza Archeologisch Museum, opgebouwd door de gepassioneerde particulier verzamelaar Jawdat Khoudary, toonde eeuwen aan cultureel leven in Gaza en zag zich internationaal gesteund door de stad Genève en door een internationaal goed ontvangen tentoonstelling in Parijs. Bombardementen hebben het museum en een groot deel van de collectie doen verdwijnen.

De Edward Said Public Library, opgericht door de dichter Mosab Abu Toha, was de eerste Engelstalige openbare bibliotheek in Gaza en werd gesteund door schrijvers en denkers van over de hele wereld. Op 24 januari 2024 maakte een bombardement een einde aan het bestaan van de bibliotheek en haar verzameling.
Of, een museaal collectiestuk, een zogenoemde thobe met daarop traditionele borduurkunst tatreez. Deze jurk raakte beschadigd tijdens een aanval op het museum in oktober 2023. Door een explosie kwam de jurk op een nabijgelegen dak terecht, waar het kledingstuk acht maanden onbereikbaar bleef liggen. Toen het museumteam er eindelijk bij kon, bleek dat de bombardementen en de langdurige blootstelling aan de elementen hun sporen hadden nagelaten. De stof werd beschadigd door de regen en deels gebleekt door de zon. De thobe is een stille getuige van het geweld tegen de bevolking van Gaza en tegelijkertijd een toonbeeld van de overlevingskracht van de Palestijnse cultuur.
Vooruitblik
Het laatste deel van de bundel blikt vooruit. Het is een kort onderdeel, want het is pijnlijk: hoe kun je vooruitblikken in een ogenschijnlijk uitzichtloze en onrechtvaardige situatie? Dat lukt alleen met verbeelding. Zo zoeken architecten Yara Sharif and Nasser Golzari naar manieren om de ruïnes in Gaza zich toe te eigenen. Ze onderzoeken hoe ze van puin een flexibele huid kunnen maken, die over ruïnes kan worden gelegd, om zo nieuwe gebouwen en ruimtes te maken waarin geleefd kan worden. Tot nu toe blijft het bij verbeelding, maar dit soort ideeën onderschrijven de veerkracht van Gazaanse Palestijnen. Verbeelding als verzet, steeds opnieuw.Het doorzettingsvermogen dat uit ieder hoofdstuk naar voren komt is bewonderenswaardig, de humor gelaten en zwart. Ook in de woorden van kunstenaar Mosab Abu Toha, opgetekend in zijn Gaza Notebook (2021-2023) waarmee ik graag besluit: ‘At fifth grade, I visited the school library. On a wall by the door, a poster claims, “If you read books, you live more than one life.” Now I am thirty and whenever I look at faces around me, old or young, on each forehead I read: “If you live in Gaza, you die several times.”’