Het calvinisme van de popcultuur

Door Sjoerd van Hoorn. Van Hoorn studeerde filosofie in Nijmegen en schrijft voor diverse Nederlandse en buitenlandse tijdschriften. Maar vooral leest hij boeken.


In 1900 publiceerde een jonge schrijver uit Lübeck een monumentale roman over de bloei en ondergang van een familie van protestantse kooplieden uit het noorden van Duitsland. De roman, Buddenbrooks. Verfall einer Familie van Thomas Mann (1875-1955), is een schoolvoorbeeld van literatuur als sociale wetenschap. Een sociologie, niet empirisch, maar van de verbeelding – en de literaire evenknie van Max Webers studies naar het verband tussen protestantisme en kapitalisme. Marc Alizarts recente Pop théologie trekt het verband tussen protestantisme, kapitalisme en culturele productie radicaal door naar de hedendaagse popcultuur en de American dream. Is de moderne consument zonder het te beseffen eigenlijk een calvinist?

Essay uit DBNg 2016#3

* Abonnees lezen verder. Neem ook een abonnement! *

Bent u al abonnee, maar ziet hu hieronder geen nummers? Logt u dan eerst even in? www.nederlandseboekengids.nl/inloggen


Noten

  1. Geciteerd naar Max Weber, Die protestantische Ethik und der Geist des Kapitalismus, Keulen, 2009. ‘Waar kapitalistische verwerving rationeel nagestreefd wordt, daar is het daarmee overeenkomende handelen georiënteerd op de kapitaalrekening. Dat wil zeggen, hij is ingedeeld in een planmatige ordening van zakelijke of persoonlijke nutsprestaties als verwervingsmiddel.’
  2. ‘De “onttovering van de wereld”, de uitschakeling van de magie als heilsmiddel, was in de katholieke vroomheid niet in die mate in al haar consequenties doorgevoerd als in de puriteinse religiositeit. De God van het calvinisme verlangde van de zijnen niet enkel “goede werken”, maar een tot systeem verheven werkheiligheid. De morele praxis van de gewone man werd zo ontdaan van z’n plan- en systeemloosheid en tot een consequente methode voor het leiden van het gehele leven uitgebouwd.’
  3. ‘Dromen die werkelijkheid worden, de kracht van het geloof (het Vertrouwen), alles gekoppeld aan het maatschappelijke succes, we hebben gezien waar dat vandaan komt en wat het kan betekenen. Als we Walt Disney volgen kunnen we de hele filmindustrie kenschetsen als ontologisch protestant: een film bekijken, om het even welke, is zijn fide uitoefenen, zijn vermogen om te geloven en om zich te laten gaan.’
  4. ‘In Star Wars wordt Luke Skywalker opgeroepen om het kwaad te overwinnen, waarbij hij een mysterieuze Kracht meester moet worden waarvan de kracht rechtstreeks gekoppeld is aan zijn geloof, zijn vermogen om te geloven, en meer nog, zijn vermogen om zijn ongeloof te overwinnen. “I can’t believe it,” zegt Luke nadat hij er voor de zoveelste keer niet in geslaagd is zijn verzonken ruimteschip op te tillen. Welnu, het is precies daarom, omdat hij er niet in slaagt om te geloven, dat hij faalt. “That is why you fail,” antwoordt zijn meester Yoda hem.’
  5. ‘Het motto van de consumptiemaatschappij, zoals Coca-Cola het formuleert is: enjoy. Maar enjoy is niet het heidense “geniet” waar men het voor aanziet, het carpe diem van Dead Poets Society, het is het evangelische credo, het “geloof” in de zin van “heb vertrouwen”, laat je gaan (lees: naar Christus). Het “Just do it” van Nike is het “bemin en doe wat je wil” van Augustinus.’
  6. Of zoals hijzelf me onlangs op die vraag antwoordde: ‘Les antimodernes sont catho parce qu’ils sont légitimistes, et que les révolutions sonts protestantes (US, GB).’